De Marokkaanse autoriteiten hebben bekend gemaakt en brachten naar boven zo snel dat de zelfmoordaanslagen in Casablanca op 16 mei 2003, waarbij 33 burgers en twaalf terroristen omkwamen, werden gepleegd door de Salfia Jihadia. Deze onbekende beweging wordt gelinkt aan al Qaida. De Marokkaanse autoriteiten zeggen ook dat de terroristen zelf een islamitisch motief hadden. Daardoor werden tien duizend en twee honderd islamieten gearresteerd, drie duizend van hun gemarteld, mishandeld ,verkrachten en beoordeelden tot een lange gevangenis straf , en zeven duizend en twee honderd van hen zijn ook gemarteld, verkrachten en mishandeld voordat ze vrij gelaten werden. Maar de mastermind erachter is terug te voeren naar de Marokkaanse veiligheidsdiensten. Dat kwam naar buiten in een interview met de tweede man van de vorige koning, Hassan II; Driss Basri. Basri was de vroegere minister van Binnenlandse Zaken. Hij was bovendien twintig jaar hoofd van de geheime dienst van Hassan II geweest. Ooit had hij carrière gemaakt dankzij de gevreesde hoogste officieren en martelaars onder Hassan II: Generaal Oufkir en Ahmed Dlimi, hoofd van de geheime politie. Die twee zouden onder verdachte omstandigheden om het leven komen. Er bestaat geen twijfel over dat Hassan II hier de hand in had gehad. Driss Basri werd uit zijn functie gezet toen de zoon van Hassan II, Mohammed VI, aan het bewind kwam. Daarna was Basri naar Frankrijk gevlucht. Daar gaf hij een interview aan het internationale tv station Al Jazeera en aan de internationale krant Al-Quds Alarabie. Hij kondigde aan dat hij een boek ging schrijven in Frankrijk. In dat interview met Al Jazeera zei hij ook dat de aanslagen in Casablanca in Marokko werden gepleegd vanwege een interne afrekening tussen de Marokkanen zelf en niet door de islamieten of door iemand ander buiten Marokko. Hij zei ook dat hij zou over alles in de toekomst zou praten als een belediging en een waarschuwing aan het Marokkaanse regime zelf. Het was duidelijk een interne afrekening van de Marokkaanse geheime diensten. Die hadden de aanslagen opzettelijk laten plegen op toeristen en Joden om de suggestie te wekken dat er islamisten achter zaten. Er bestaan in Marokko verschillende geheime diensten; van de militairen, de gendarme, de politie, en van de koning zelf. Tussen die diensten zijn altijd conflicten. ( zie hierover het boek Notre ami le roi ) waarin stond dat de terreur en fraude zijn hoofdfundamenten van Hassans bewind, schrijft Gilles Perrault.
Niet veel later zou Driss Basri overlijden in een Frans ziekenhuis. De omstandigheden waren verdacht en men vroeg zich af of de Fransen erbij betrokken waren geweest in hun samenwerking met de Marokkaanse geheimdiensten. Maar bewezen werden nog niet bekend gemaakt.
Ook de onwettige halfbroer van Mohammed VI, Hicham El-Mandari, zou onder verdachte omstandigheden om het leven komen. Dat gebeurde in Spanje. El-Mandari had een belangrijke rol gespeeld in het regime van Hassan II. Hij stond bekend als de ‘speciale adviseur’ van Hassan II. Toen hij in 1999 verdacht werd van fraude en vervalsing, vluchtte hij het land uit, naar verluid met veel cheques, geld en compromitterende documenten. Hij had gezegd: ‘Als ik een crimineel zou zijn, dan ken ik er nog wel een paar.’ El-Mandari kende iedereen die er toe deed aan het Alawietenhof rondom de koninklijke familie. Hij wist van alles over wist alles over de rol van de maffia, de huurmoordenaars. Zijn leven eindigde op een parkeerplaats in de Spaanse plaats Mijas. Hij was bezig met de voorbereiding van een Al Jazeera achtig internationaal tv kanaal waarmee hij het regime van Mohammed VI wilde bestrijden.
De sfeer van complotten, martelingen, onderdrukking en corruptie, wordt toegedicht aan Hassan II. Niemand twijfelt daar nog aan. Maar vaak wordt gezegd dat zijn opvolger, Mohammed VI, ‘anders’ is. Daar klopt niets van. Ik noemde al de aanhoudende verhalen over de link tussen de Marokkaanse geheime diensten en de aanslag in Marrakash in 2003. Maar er zijn ook relaties tussen de Marokkaanse geheime diensten en de aanslagen in Madrid op 11 maart 2004. Ook Frankrijk speelde daarin een rol.
Het was een bijzonder gecompliceerde operatie. Er ontploften tien bommen binnen een kwartier in vier forenzentreinen. Daarbij kwamen 191 mensen om en er waren maar liefst 2050 gewonden, waarvan veel ernstig. Het is de grootste terroristische aanslag in Europa sinds de aanslag op het vliegtuig dat neerstortte bij Lockerbie. De aanslagen in Madrid werden toegedicht aan de Abu Hafs al-Masri Brigades, een mysterieuze organisatie die verbonden zou zijn aan Al Qaida. Er werd een aantal Marokkanen voor gearresteerd en veroordeeld. Ook zou er een Syriër bij betrokken zijn geweest. En ook was er een relatie met Marokkaanse drugshandel. Twee verdachten waren in verband met drugshandel bovendien informanten van de Spaanse politie. Volgens de Spaanse krant El Pais was er een relatie tussen de aanslagen in Madrid en die in Casablanca. Maar de Spaanse rechters kwamen tot de conclusie dat er geen mastermind achter de aanslagen zat, net zo min als een rechtstreekse link naar Al Qaida kon worden aangetoond.
Er bleven echter onthullingen komen over de rol van het Marokkaanse regime bij de aanslagen in Madrid. Er was op dat moment sprake van een slechte relatie tussen Spanje en Marokko. Twee jaar voor ‘Madrid’ was dat tot uiting gekomen in een conflict om Isla Perejil (‘Peterselie eiland’), in het Arabisch Jazeerat Leila (‘Nacht eiland’),een onbewoond eilandje, een enorme rots eigenlijk meer, voor de kust van Marokko, dat zowel door Marokko als door Spanje werd opgeïst. Op 11 juli 2002 had de Marokkaanse politie het eiland bezet, en een week later werd het door een overmacht van het Spaanse leger weer ‘terug veroverd.’ De EU schaarde zich achter Spanje, maar achter de schermen speelde Frankrijk samen met Marokko een ander spel, zo bleek uit documenten die gepubliceerde werden in 2006 een gepubliceerd boek, Quand le Maroc sera islamiste, (‘ wanneer Marokko islamitisch worden’) van de Franse journalisten Nicolas Beau en en Catherine Graciet. Hierover publiceerde onder andere de Spaanse krant El Pais op 30 november 2006. Binnen 24 uur na de ‘terugverovering’ van Isla Perejil door het Spaanse leger, vertrok de zuster van Mohammed VI,Mariam, naar Parijs voor overleg met president Jacques Chirac. Volgens gelekte notities werd er toen door beide landen een strategie uitgedacht om terug te slaan. De Franse en Marokkaanse geheime diensten werkten samen. Door de top van de Marokkaanse veiligheidsdienst werd een bericht met de Franse veiligheidsdienst gedeeld dat Spanje een opstand van de Rif Berbers aan het aanwakkeren was. Frankrijk maakte zich zorgen over de uitbreiding van de Spaanse invloed, die in zou gaan tegen een stilzwijgende overeenkomst tussen beide Europese landen dat Spanje macht kon blijven uitoefenen in Zuid-Amerika en Frankrijk in Noord Afrika. Mohammed VI besloot tot een herbewapeningsprogramma en kocht onder andere twaalf Mirage straaljagers van Frankrijk.
Deze duistere manipulaties kregen weer een nieuwe draai toen een vroegere commisaris bij de Spaanse geheime dienst, José Villarejo, in 2019 naar de rechter stapte met nieuwe documenten waaruit zou blijken dat de aanslagen in Madrid georganiseerd werden vanuit een oud Frans kasteel dat in bezit was van Mohammed VI. Hierover verscheen op 22 maart 2019 een bericht in de Spaanse krant El Espanol. Villarejo beweerde daarin te beschikken over de berichten van twee Franse spionnen, die waren onderschept door de Spaanse geheime dienst. Er vond voor de aanslagen in het Franse kasteel van Mohammed VI intensieve communicatie plaats tussen de broer – Rachid – en zuster – Meriam – van de koning en de Marokkaanse geheime diensten. In een ander bericht in El Espanol, van 8 maart 2019, stond dat de Franse geheime diensten in Syrië betrokken waren geweest bij het verduisteren van sporen die zouden leiden naar de opdrachtgevers van de aanslagen in Madrid.
Abdellatif Zeraïdi is een Marokkaanse politiek vluchteling in Frankrijk. Hij schildert en tekent de politieke karikaturen en schilderijen en zijn exposities vinden plaats op de verschillende galerijen in Frankrijk. Nadat hij op de Nationale School voor Schone Kunsten van Tetouan in Marokko in 1980 gestudeerd heeft, trad hij in 1988 toe tot de Franse stad Dijon School voor Fine Arts. Na zijn studie dacht hij dat hij zijn leven in zijn vaderland Marokko kan bouwen. Maar de omstandigheden in het leven brachten hem om opnieuw naar Frankrijk te emigreren. Daarna naar Luxemburg, op zoek naar het werk.
Na de dood van de dictator Hassan II geloofde de kunstenaar een ogenblik dat hij eindelijk van de prachtige zon van zijn vaderland Marokko kon genieten, dus keerde hij terug in het jaar 2004 om daar met zijn kinderen te leven. Hij investeerde al zijn spaargeld in een huis dat hij in de Marokkaanse stad Sale gebouwd heeft. Helaas, leed hij aan een echte vervolging: plundering van zijn eigendom, agressie, bedreigingen, opsluiting, enz. Een echte afdaling in de hel die hem terugbracht naar ballingschap, met niets, zoals in het begin.
Na 15 jaar van eindeloze gerechtelijke procedures, deed hij een beroep op de koning Mohamed 6 om gerechtigheid te eisen. Want hij is wettelijk de enige verantwoordelijk over de justitie in Marokko als de President van de hoge raad van justitie.
Vandaar krijgt de kunstenaar een reactie op zijn klacht van de machthebber Ali El Himma ( ofwel Mohamed 7 zoals de Marokkanen hem noemen ) , de adviseur van de dictator M6. Daarna van de minister Moustapha Ramid en Hicham Naciri (paleisadvocaat) om dit probleem te dragen tot een oplossing zo snel mogelijk aan toe te komen. Het was echter slechts een enscenering om de kunstenaar te bedriegen en hem een valse verklaring te laten ondertekenen waardoor hij de hoed zou hebben gedragen! Het is een gebeurtenis die aan een film lijkt te zijn.
Onlangs de bedreigingen dat hij vanuit verschillende leden van de georganiseerde dictatuur maffia in Marokko krijgt, geeft hij niet aan toe. Hij gaat door met zijn politieke kunst in hoop dat de Marokkanen waker zullen worden om een revolutie tegen de dictator M6 en zijn maffia regime te starten.
Sommige gesubsidieerde en fraudeurs personele, stichtingen en verenigingen hier vanuit Nederland en ergens verspreiden de leugens over het roofdier Mohammed 6 van Marokko dat hij moderne is , en dat Marokkaanse vorst blijft populair.’, terwijl er gedemonstreerd wordt tegen de liquidaties, moorden, arrestaties, schijnprocessen, racist en misdrijven in Marokko.
Het Marokkaanse volk organiseert namelijk elke dag wel een demonstratie in de verschillende Marokkaanse steden en dorpjes tegen het Marokkaanse dictatoriale regime. Politici zijn gevangen gezet en onschuldige Marokkaanse strijders tegen het onrecht zitten vast in gevangenissen. Het regime oefent druk uit op media en journalisten in Marokko om de waarheid niet boven tafel te brengen. Anders worden hun sites of kranten verboden. Dat overkwam de ‘verboden journalisten’ zoals Ali Lmrabet, Ben Schmssi, Aboubaker el Jamaai, Zineb El Rhazoui, en Ali Ananzoula, en de arrestaties van El Mehdaoui en Toufik Bouachrine.. Heel veel Marokkanen zijn hun land uitgelucht omdat ze in verzet kwamen tegen het dictatoriale regime van Mohammed 6. De dictator heeft een vermogen van meer dan 2 miljard dollar terwijl meer dan 10 miljoen Marokkanen leven van minder dan 1 dollar per dag. Door fraude, diefstal en illegaal biznes wordt Mohamed 6 het zevende rijkste staatshoofd ter wereld.
Hoe komen de gesubsidieerde leugenaars erbij dat Mohammed 6 voor hervormingen zou zorgen en zijn traditionele land de moderne wereld in zou loodsen? Hij leidt zijn land met een religieuze status. Hij speelt voor Allah. Via zijn geheime dienst benoemt hij alle rechters, ambtenaren enzovoort.
Welke rechten hebben vrouwen van deze dictator gekregen? Nog steeds is er geen vervolging voor mannen die minderjarige meisjes verkrachten. Nog steeds oordelen rechters dat vrouwen maar moeten trouwen met hun verkrachters. Hoe kun je spreken van het economische succes van het Marokkaanse volk als alle touwtjes in handen zijn van de dictator en zijn maffiafamilie? De privatisering werd alleen maar doorgevoerd om de economische middelen voor zichzelf te houden. Dit staat duidelijk op het Franse boek Le roi prédateur; de Roofdierkoning. Het is geschreven voor twee Franse journalisten, Catherine Graciet en Eric Laurent. Of het Franse boek Journal d’un prince banni: Demain, le Maroc, geschreven door de neef van de dictator Hichem El Alaoui, die in de VS leeft.
De nieuwe Marokkaanse Grondwet een dictatoriale Grondwet is? Waarop het Marokkaanse volk alleen maar mocht instemmen? Zwarte woordjes werden erin veranderd door iets minder zwarte woordjes, maar de essentie bleef. De koning is alles. Zonder hem is er geen leven voor Marokko. De Grondwet maakt van Mohammed 6 heilige, baas van justitie, kabinet, parlement, politie, leger, gendarmerie, geheime dienst, de burgemeesters, en de gevangenisdirecteurs. Alle ministers, volksvertegenwoordigers, ambtenaren, rechters, journalisten, politieke partijen, vakbonden, stichtingen en verenigingen de belichaming zijn van de wil van de koning.
Daarom is de dictator als de enige verantwoordelijk voor de ontvoeringen, schijnprocessen, corruptie, het racisme, de mishandelingen, de fraude, het misbruik, de misdaden, arrestaties, en verkrachtingen van gedetineerden met flessen. De dictator Mohammed 6 arresteert wie hij wil arresteren, bevrijdt wie hij wil bevrijden. Hij is ook de opdrachtgever voor de liquidatie van zijn illegaal ( on -erkend ) halve broer Hichem El Mandari in Spanje.
De onwettige, Hicham El-Mandari, zou onder verdachte omstandigheden om het leven komen. In Spanje dit keer. Ook hij was nauw verbonden geweest met het regime van Hassan II. El-Mandari stond zelfs bekend als de ‘speciale adviseur’ van Hassan II. Toen hij in 1999 verdacht werd van fraude en vervalsing, vluchtte hij het land uit, naar verluid met veel cheques, geld en compromitterende documenten. Hij had gezegd: ‘Als ik een crimineel zou zijn, dan ken ik er nog wel een paar.’ El-Mandari wist alles over de rol van de maffia, de huurmoordenaars, hij kende iedereen die er toe deed aan het Alawietenhof rondom de koninklijke familie. Zijn leven eindigde op een parkeerplaats in de Spaanse plaats Mijas. Hij was toen bezig met de voorbereiding van een Al Jazeera achtig internationaal tv kanaal waarmee hij het regime van Mohammed VI wilde bestrijden.
Hebben de gesubsidieerde leugenaars ooit wel eens de conclusies gelezen uit de rapporten van de internationale stichtingen zoals Kennedy stichting, journalisten zonder grenzen en Amnesty International? dat de verschillende stammen in Marokko zoals de Alawiten en de idriseenen nog steeds een speciaal voorrang identiteitskaarten hebben, en niet dezelfde als die van het gewone Marokkaanse volk? En dat veel familienamen nog steeds verwijzen naar de slaventijd, omdat die toen verplicht waren voor slaven, en ze zich niet Sidi, Lalla of Moulay mochten noemen?
Marokko heeft één van de rijkste koningen ter wereld. Het persoonlijk vermogen van Mohammed VI wordt door Forbes Magazine geschat op 2 miljard dollar en dat maakt hem nummer zeven op de lijst van rijkste staatshoofden. De koning is gek op snelle en exclusieve auto’s, houdt van jetskiën en golf en laat zich graag peperdure maatpakken aanmeten. Ook houdt hij van de Amerikaanse showbizz en is hij een graag geziene gast op de homo’s party’s. Zo wordt hij neergezet als modern, maar geworteld in tradities.
De gesubsidieerde leugenaars verspreiden dat Marokko een stabiliteit van alle kanten kent. Terwijl het volk onder de dictatoriaal druk ingezet om stabiel te blijven. De maffia van Alaouite produceert politieke Hollywood filmpjes. Marokko wordt in werkelijkheid beheerst door een achterlijke islamitische ideologie. Ali Cherif, de stichter van de dynastie der Alaouiten is in Rissani begraven. (Rissani is een stad in het zuiden van Marokko, de laatste stad voor de woestijn.) Meknes werd op 22 maart 1727 de tweede sultan van Marokko uit de dynastie der Alaoui. De moordenaar Ismail ibn Sharif was de zevende zoon van Ali Cherif. Hij was aanvankelijk gouverneur van Meknes onder zijn broer Rashid. Toen deze onverwachts stierf, volgde hij hem op. Ismail wist de macht van de Alawieten te consolideren. Hij herstructureerde het leger en breidde het uit met duizenden toegewijde Soedanese slaven, die door de Abid al-Boekhari bekend waren, en Arabische krijgers. Met dit leger kon hij de rebelse Imazighen uitmoorden. Hij belegerde Tanger, dat in handen van de Engelsen was, gedurende vijf jaar, tot de Engelsen zich er in 1684 uit terugtrokken. Met minder succes belegerde hij het Spaanse Ceuta, dat werd ontzet door Jean-François Bette. Ismail knoopte diplomatieke betrekkingen aan met de Europese mogendheden en deed zelfs een huwelijksaanzoek aan Marie Anne van Bourbon, dochter van Lodewijk XIV. Marie Anne van Bourbon, prinses van Conti (Vincennes, 2 oktober 1666 – Parijs, 3 mei 1739) was een buitenechtelijke dochter van koning Lodewijk XIV van Frankrijk en diens maîtresse Louise de La Vallière. Op dertienjarige leeftijd trad Marie Anne in het huwelijk met prins Lodewijk Armand I van Bourbon-Conti. Ze werd in het geheim geboren in het kasteel van Vincennes buiten Parijs op 2 oktober 1666, later werd Marie Anne beschouwd als de lievelingsdochter van haar vader en werd ze ook algemeen gezien als de mooiste dochter.
Meknes werd de nieuwe hoofdstad. De stad werd gebouwd door gevangen slaven. Ismail had de reputatie zeer bloeddorstig te zijn. De opvolging van Ismail was niet goed geregeld. Bij zijn dood brak dan ook een burgeroorlog uit onder zijn vele zonen. De slaven van Al-Boekhari – Abid al-Boekhari – zouden bepalen wie er aan de macht kwam.
De opstand van de Imazighen was noodzakelijk om Marokko uit de handen van de kolonialisme van de Alaouiten te bevrijden. Imazighen hebben de meerderheid, maar hun eigen land is nog steeds door de minderheid van de slaven – Abid- Al-boekhri- beheerst gebleven.
Marokko is beheerst door een georganiseerde maffia waarin de dictator koning de hoofd bas is. De dictator koning is beroken bij de terrorisme,illegaal smokkelen en drugs.
Vier politieke generaties kunnen onderscheiden worden in het Marokko van nu. De eerste generatie was die van 1912 tot 1959. Dit was de generatie van een gewapende opstand tegen het Franse protectoraat en tegen de Alawitische sultan die de Fransen had gevraagd hem te beschermen, want zonder hun hulp viel zijn rijk uiteen.
De tweede politieke generatie begon met de regering van Abdullah Ibrahim in de eerste drie jaar na de onafhankelijkheid in 1955. Deze regering kwam tot stand onder sultan Mohammed V op 24 december 1958 en bleef aan tot 21 mei 1960. Deze tweede politieke generatie had de wapens neergelegd en sloot een compromis met Mohammed V, en zijn opvolger, Hassan II. Maar de sultan en zijn zoon hadden de wapens niet neergelegd. Ze lieten liquidaties uitvoeren en strijders arresteren. Ook vervalsten ze de verkiezingen. Hierdoor werd de invloed van de voormalige strijders steeds kleiner, en kregen de sultan en zijn zoon steeds meer macht in handen.
De derde politieke generatie was die van 1958 tot 2002. Deze generatie bleef hopen op veranderingen in de richting van democratie en mensenrechten. Ze bepleitten een parlementair koninkrijk waarin de koning geen macht meer had boven het parlement. Ooit hoopten ze de vrijheid te kunnen krijgen om de dictatuur af te kunnen schaffen. De laatste van deze generatie was Abderrahman El Youssoufi, de minister president van Marokko van de 26e regering, die duurde van 14 maart 1998 tot 6 november 2002. Dit was de zogeheten ‘regering van de afwisseling.’
De vierde politieke generatie is nu aan het bewind. Deze begon in 2002 en is een generatie van arrivisten, egoïsten, fraudeurs, moordenaars, misbruikers, en slaven van de koning.
De koning moet weg. Er is op allerlei manieren geprobeerd om met hem samen te werken. Het is niet genoeg als de koning alleen maar een rituele rol krijgt, zoals in andere landen zoals Nederland. Hij moet echt weg, en ook de kring om hem heen, de Alawieten die de Marokkanen tot slaaf hebben gemaakt. Dat kan alleen maar gebeuren door een revolutie. Uit zichzelf zal hij nooit opstappen. Genoeg mensen moeten ervan overtuigd zijn dat het koningschap slecht is voor Marokko. Pas dan zullen de mensen massaal de straat op gaan, en zal er een opstand komen. Als de koning is afgezet, zal hij voor de rechter moeten komen om zich te verantwoorden voor alles wat hij heeft aangericht tegen het Marokkaanse volk.
In dit Marokko is geen plaats voor een koning. De koning heeft lange tijd het volk gemanipuleerd onder dekmantel van de islam, door de mensen wijs te maken dat hij van de profeet Mohammed afstamt, en met zijn zelfbenoemde positie als ‘commandant van de gelovigen.’ Mohammed VI doet alsof hij, als koning, een historische legitimiteit bezit. Maar hij is slechts de derde koning. Er bestaat in Marokko helemaal geen historische traditie van een koningschap. Voor 1961 werd de macht uitgeoefend door een sultan. Pas daarna werd door Frankrijk en zijn aanhangers het koningschap ingesteld. Zonder dat het Marokkaanse volk iets werd gevraagd.
Het bestaande recht in Marokko heeft geen democratische legitimiteit. Een belangrijk deel van de Marokkaanse wetgeving is ingevoerd onder het Franse protectoraat. Daar zijn de decreten van de Alawatische dictators aan toegevoegd. En dan is er nog een deel tot stand gekomen via de schijndemocratie van het nep-parlement, dat niets in te brengen heeft. Mensen zijn dus in Marokko in de gevangenis gekomen door wetten die iedere democratische onderbouwing missen.
Er is dus maar één oplossing: Een echt democratisch Marokko moet van de grond af aan worden opgebouwd, zonder koning. Er moet een Federale Amazigh Republiek komen. Elke deelstaat daarbinnen zal een mate van zelfbestuur moeten krijgen. Marokko kent verschillende regio met verschillende dialecten en verschillende ambities. Een nationale president zal vanuit de federaties gekozen moeten worden. Voor vier of acht jaar, en niet langer, net als in landen als de VS. Elke deelstaat zal zijn eigen parlement moeten hebben, en daarnaast moet er ook een centraal parlement komen.
Het is heel eenvoudig uit te voeren. Je kunt gewoon het wet-systeem van een democratisch land als Zwitserland overnemen. Mensenrechten, respect voor iedereen, dergelijke waarden zijn overal allang vast gelegd. Mensen doen vaak alsof het heel ingewikkeld is om zo’n wettelijke vernieuwing in te voeren in Marokko. Maar dat wordt alleen maar gezegd om het maar niet te laten gebeuren. Vervolgens moet je het volk zelf laten kiezen welke wetten ze willen hebben, met een democratisch gekozen parlement. In het nieuwe wet-systeem moeten er bijvoorbeeld hoge straffen komen voor corruptie en verkrachting. Daar wordt nu nauwelijks op bestraft.
In de nieuwe grondwet moet niet alleen vrijheid van godsdienst worden uitgeroepen, maar ook de vrijheid om godsdienst te kunnen bekritiseren. Het is beter om de islam te verbieden, maar met een diplomatieke en politieke manieren Anders ontstaat er weer een nieuwe dictatuur. Maar de Arabische taal moet je wel met spoed verbieden. Het is een koloniale taal en de oorzaak van onze achterlijkheid. Onze moedertaal is Berbers. Het is uitstekend als er mensen daarnaast ook Engels, of Frans of Duits leren, want je moet de wereld kennen. Of stel dat ze in het Rif gebied besluiten om Nederlands als tweede taal aan te houden. Prima. De Berbers in het zuiden van Marokko hebben meer verbinding met de Franse cultuur. Als ze Frans willen als tweede taal, prima. Elke deelstaat binnen Marokko zal dat zelf moeten kunnen beslissen.
Er moeten uiteraard vrije media komen, waar iedereen zonder angst moet kunnen zeggen wat hij of zij vindt. Ik ben voor volledige vrijheid van meningsuiting, met uitzondering van het aanzetten tot geweld. Ook moet iedereen vrij kunnen laten zien hoe hij of zij leeft. In het huidige Marokko worden mensen die op straat eten tijdens Ramadan in de gevangenis gezet. Maar in de Amazigh Federale Republiek zullen mensen gewoon op tv moeten kunnen eten en drinken tijdens ramadan. Nu Sommige etnische groepen zijn op de Marokkaanse tv onzichtbaar, zoals de zwarten, de nakomelingen van de slaven. Die kunnen in Marokko ook geen hogere functies krijgen. Daar moet een einde aan komen. En er moet ook onderwijs komen over het slavenverleden van Marokko.
Tunesië gaat de goede richting uit. Maar er zijn veel obstakels die maken dat het nog lang niet snel genoeg gaat. De moslims, de corruptie, de invloed van de Fransen. Ook in Algerije zijn er Berbers die geen moslim willen zijn, zoals in Kabylië. Het is een mooie droom dat Noord Afrika verenigd wordt als één grote Berberstaat. Maar dan alleen als dit op een democratische wijze kan gebeuren. Zodat er een geheel van verenigde federale staten kan groeien. The United States of North Africa. Maar zover zijn we nog lang niet. En het moet ook niet opgelegd worden. Het kan alleen op democratische wijze.
De muur van Berlijn die Europa moet beschermen is het Berbergebied van Noord Afrika. Maar de Berbers moeten eerst de ballast van de islam van zich af spoelen. Landen als Bulgarije of Hongarije of Polen hebben zich bevrijd van het communisme, en zo moet Noord Afrika zich ook kunnen bevrijden van de islam. Nu zijn we nog lang niet van dat niveau. Onderzoekers zeggen dat Noord Afrika vijftig jaar achter loopt op Europa, maar ik denk eerder meer dan 200 jaar.
Westerse bedrijven moeten ook vrije toegang krijgen in de Amazigh Federale Republiek in Marokko. Maar dan moet er wel sprake zijn van een echt vrije markt. Nu heeft Frankrijk deals gesloten met de koning van Marokko waardoor sommige Franse bedrijven een monopolie in Marokko hebben. Als Nederlandse bedrijven iets willen opzetten met bijvoorbeeld melkproductie, kan dat niet. China heeft er al over geklaagd dat er geen vrije markt in Marokko bestaat.
De strekking van het begrip ‘Koloniaal’.
Kolonialisme is een doctrine of een ideologie die kolonisatie rechtvaardigt als een uitbreiding van de soevereiniteit van een vreemd land over gebieden buiten haar grenzen. De Arabische verovering was geen vorm van kolonialisme. Daarom is deze term ook niet relevant in deze context, omdat het nooit het doel was om Noord Afrika te overheersen in naam van Oqba Ibn Nafi.
De Arabische verovering van Noord Afrika
Het was niet de zevende eeuwse Arabische verovering die de Mahreb de arabisering oplegde en de Berber schade toebracht. Iedereen die de geschiedenis van de Mahreb heeft bestudeerd zal dat beamen. Yussef Ou Tashfin, de militaire leider van de dynastie van de Almoraviden, sprak zelf geen Arabisch, toch spreken heden ten dage de mensen van deze stam Arabisch. De onderdrukking van de Berber startte pas veel later. De vergelijking tussen de Franse en de Arabische onderdrukking is dan ook zwak en vals, ondanks dat er vanzelfsprekend vele spontane reacties waren op het laatste.
De Arabisering betekende niet hetzelfde in de verschillende regio’s. Sommige regio’s werden al vroeg gearabiseerd. Zoals de Doukkala in Marokko tijdens het bewind van de Almohaden, die Arabische stammen stuurden om opstanden van de Ikkoudalen te voorkomen. Andere regionen werden gearabiseerd gedurende de postkoloniale periode.
Het Arabisch kent in de Mahreb niet de dezelfde geschiedenis als het Frans. Voor die tijd, was het Arabisch de gemeenschappelijke taal van de Islamitische wereld; het alfabet werd zelfs gebruikt om Tamazight te schrijven. Mhemmed U-Eli- U-Brahim Ak”bil Awzal is de belangrijkste auteur in de literaire traditie van de Tashelhit. Hij werd rond 1680 in het dorp Al-Qasaba geboren in het gebied van de Indouzal stam in het Sous gebied van Marokko en stierf in 1749.Zijn volledige naam in het Arabisch is Muhammad ibn Ali ibn Ibrähïm al-Akbïli al Hawzäli ( of al- Indüzälï) al- Süsi. Hij was de schrijver van verschillende werken in het Taselhit (Silha) en Arabisch die bewaard zijn gebleven in manuscripten.
Het was de Franse taal die een werkelijke koloniale macht uitoefende in de Islamitische wereld.
Wat betekent Arabisering?
Het lange historisch proces dat het Arabisch tot de dominante en officiële taal met verschillende dialecten maakte in de Noord Afrikaanse landen beslaat vier periodes; de periode van de eerste Arabische veroveraars in de 7e eeuw; de invasie van de Bedoeïenen, door Banu Hilal, Sulaym en Ma’qil in de 11e eeuw, de toestroom van vluchtelingen uit Andalusië van de 14e tot 17e eeuw; en de post koloniale pan-Arabische nationalistische politiek van Arabisering. Gedurende de stroming van het pan Arabisme en onafhankelijkheid werd het Arabisch beschouwd als een instrument waarmee de Noord Afrikaanse samenlevingen hun koloniale kater te boven konden komen maar ook hun eigen authentieke identiteit en cultuur konden terugeisen. De Arabisering als taalpolitiek sloot het Berbers uit, wat sporadisch leidde tot onrust en soms tot gewelddadige en bloedige opstanden in de tachtiger jaren met name in Algerije. De pan Arabische en nationalistische al-Istiqlal en de Union Socialiste des Forces Populaires (USFP), politieke partijen in Marokko, blokkeerden systematisch elke poging om het Berber als de andere officiële taal van Marokko te erkennen, ondanks hun progressieve verhaal over diversiteit.
De tijdlijn van Arabisering in Noord Afrika
Na het uiteenvallen van het rijk van de Almovariden en daarna van de Almoheden, verenigden en domineerde twee berber dynastieën de Grote Mahreb in de periode 1070-1269, de Mahreb was verdeeld in verschillende regio’s alvorens onder de invloed van het Ottomaanse rijk te komen vallen(behalve Marokko).
Noord Afrika was voor de komst van Banu Hilal al grotendeels Moslim.
De Europese koloniale ambities richten zich via Frankrijk in 1830 in de Mahreb op Algerije.
Op Egypte, dat een Engels protectoraat vormde van 1882(officiële datum 1914) tot haar onafhankelijkheid in 1922 en het Italiaanse Libië na, werden alle andere landen door Frankrijk gekoloniseerd en geregeerd, al hadden zij een verschillende status. Deze voormalige Ottomaanse provincies werden door Frankrijk omgevormd tot twee republieken die de religieuze gemeenschappen respecteerden.
Het negeren van de Berber talen was een uitvloeisel de instrumentalisatie van de Arabische identiteit gedurende de anti koloniale bewegingen, een noodzakelijke strategie om deze landen uit het juk van de westerse heerschappij te bevrijden. Het is wel belangrijk om hier te vermelden dat Tunesië, Libië en Egypte een meer intensieve Arabisering hebben ondergaan dan Marokko en Algerije al voor de meest recente kolonisatie.
Berber Arabisch Noord Afrika en de kolonisatie; De gedeeltelijke Arabisering van Noord Afrika
De Barbaren waren voor de Fransen de inwoners van ‘Barbarije’. De Moren zijn een regionale variant.( hoewel in Spanje, is: ‘Moros’ het woord voor alle Moslims, zelfs tot aan de Filippijnen). In de winter van 1830-1831 riep Abd el- Kader zichzelf uit tot de leider van de “Jihad” tegen de Franse overheersing. Abd el Kader had geen breed zicht op de geschiedenis van de Mahreb. ‘De Berbers zijn van oorsprong Arabieren’, zo stelde hij. De toen aanwezige verenigingen van stammen waren bescheiden in omvang. (gemiddeld een 5000 tot 5.500 leden) op een totale bevolking van drie miljoen. Het natuurlijke verloop van de arabisering begon 11 jaar eerder, maar op het gebied van de taal werd gedurende een langere periode een relatief evenwicht gevonden, evenals met de Islamisering ( uitgezonderd de stedelijke Joden). Het gebied was verdeeld tussen Berber sprekende stammen en Arabisch sprekende stammen ( en met grotere uitzondering de Arabische stammen, hoewel zij wel bestonden). De meeste Arabieren van de Mahreb zijn eenvoudigweg Arabisch sprekenden die zich uitsluitend identificeren met de Arabische taal, historisch gezien werd ‘de Arabier’ daarmee legitiem in verband gebracht. Onderzoekers stellen dat de Arabische ‘invallen’ in Noord Afrika weinig gevolgen hebben gehad voor de genetische absorptie en dus voor de bevolking. Volgens Louis Massignon was in 1920, 60% van de Marokkanen Berber-talig (inclusief de twee- taligen). Tunesië, het meest geromaniseerde land, was sterk gearabiseerd. Er wordt beweerd dat de Berber Moslims van de ‘Ifriqiya’ provincie, dat een deel was van de dynastie van de Ummyaden, ‘wat’ autonomie kregen toegekend na een serie van opstanden tegen de overheid in Damascus. Er werd gezegd dat zij als tweede rangs Moslims werden gezien.
Hoe de Mahreb Arabisch werd.
Het politieke concept van een Arabische Mahreb is in 1947 in Cairo ontstaan, toen de nationalistische politieke leiders van Noord Afrika ( en met de onverschilligheid van de Egyptische autoriteiten) overeenstemming bereikte over ‘the Arab Mahreb Liberation Committee’. Dit was in aansluiting op het politieke werk waar de Syrische Emir Shekib Arslan, die in 1930 de voorvechter van Arabische eenheid was onder de Nationalisten van Noord Afrika, in Geneve een start mee had gemaakt. De laatste hebben de term occidentaal gemonopoliseerd. (vanuit geografisch standpunt gezien is een Marokkaan meer westers dan een Fransman). De koloniale geografie creëerde de termen “Wit Afrika’, ‘klein Afrika’( wat in 1960 nog een gangbaar begrip was) om het Franse Koloniale rijk te verenigen, in plaats van de term Noord Afrika te gebruiken.
Door deze terminologische wending is Noord Afrika van zijn Noord Zuid dimensie teruggebracht tot alleen een Oost West dimensie, in overeenstemming met de gangbare Arabisch Islamitische (Mahreb/ Machrek) betekenis. De ‘mahreb’ situeert zich zelf binnen de mens wetenschappen binnen de Franse traditie terwijl de Angelsaksen het situeert in de Noord Afrikaanse. De Noord Afrikanen van Frankrijk werden Mahrebis of Arabieren en hun kinderen werden ‘Beurs’, omdat zij voornamelijk afkomstig waren uit de Berber regionen. ( Riffijnen en de Sousies van Marokko, Kabyles, Chaouis en Mozabites uit Algerije, Djerbians uit Tunesië).
Arabisch en de Islam
In de westerse wereld worden Arabisch en de Islam makkelijk met elkaar geassocieerd omdat men denkt dat de Islam en de Arabisch sprekende wereld enkele onafscheidelijk geheel vormen. Het feit dat Yussef Ou Tashfin geen Arabisch sprak hinderde hem niet in het verspreiden van de Mailiki rechtspraak en dat hij Emir aller Moslims werd genoemd.
Dit is ongeveer eenzelfde generalisatie als geloven dat alle Engelstaligen in de wereld Protestant zijn of het Angelsaksische geloof aanhangen.
Hoewel er verbanden bestaan tussen de Arabische taal en de Islam en de Islamisering van de bevolking gepaard ging met Arabisering, hebben een aantal bevolkingen het Arabisch niet overgenomen ( Soennieten en Sjiieten) zoals die in Turkije, Iran, Pakistan, Bangladesh en Indonesië. Hoewel Perzië een voorbeeld kan zijn van hoe Islamisering en Arabisering verenigbaar kunnen zijn ondanks het feit dat de herleving van de cultuur belangrijker werd geacht.
In Libanon spreken de meeste mensen Arabisch en blijven dat doen ondanks het feit dat zij overwegend Christen zijn. Ditzelfde geldt voor de christen, Kopten en Rooms Katholieken in Egypte.
De Islamisering schafte het Amazigh van Noord Afrika niet af
Na een kortstondige bezetting van de Vandalen in de 5e eeuw, vond er als snel in 533 een oosterse herovering plaats door Byzantium. Maar, net als in de periode van de Vandalen, ging het gepaard met het zich ontrekken van ruimtes aan het centrale gezag ten gunste van de Berber stammen en vorstendommen. ( De Zenet trekken zich Noordwaarts terug) De stad Cirta werd door de Vandalen verloren en heroverd door Byzantium en werd zo de stad Constantinopel ( als eerbetoon aan Keizer Constantinus die het rijk tot het christendom bekeerde).
Deze nieuwe oneerlijke verdeling van Noord Afrika tussen Imazighen en Byzantijns Romeinen duurde een eeuw, tot de komst van een nieuwe golf van migranten afkomstig van Arabia. In 640 dringt de Islam door tot in Egypte en de Arabische ruiters bevinden zich in 647 in Leptis Magna(Khoms, bekend als Ocea voor de verovering). In 711 verslaan de troepen van de Berbers de Visgotische rijk van Iberia en vestigde een acht eeuwen durende Al Andalus( Andalusië), Islamitisch Spanje, wat doet denken aan het vertrek van de Vandalen door zijn Berber- Arabische naam. In de tijd van Abbassid Kalief van Bagdad ( 8ste eeuw), werd Tamazagha Mahreb( Het westen), tegengesteld aan Machrek( Het Oosten) en werd het zo in autonome staten verdeeld. De berber wereld was dankzij de religieuze autoriteiten in staat om de politieke macht in handen te houden. Sinds 1492 doet de horizontale dimensie van de Islam zich gelden in het westen van de mediterrane wereld.
In het beeld dat het toerisme van de Imazighen schetst speelt het oriëntalisme een expliciete rol. Ik tracht dit deel van het onwrikbare beeld opnieuw te onderzoeken.
De Marokkaanse toeristische verhalen houden (on) bewust een westers beeld in stand. Dit beeld trok mijn aandacht toen ik een 15 daagse tour samenstelde. En inderdaad, de Imazighen worden in de toeristische verhalen nog steeds als Berbers en geïsoleerde groepen gestereotypeerd en zo wordt er op een verraderlijke wijze profijt getrokken van het herschrijven van een ongeschreven deel van de geschiedenis.
Dit essay gaat in op drie aspecten met voorbeelden van toeristische websites. Het eerste betreft de belangrijkste factoren. Het tweede handelt over de verschillende manieren waarop het begrip Berber wordt gebruikt. En het laatste roept op, en adviseert om opmerkzaam te zijn.
Het eerste aspect wat we onder handen moeten nemen is de nauwkeurige naam Imazighen in meervoud en Amazigh in enkelvoud. De meeste, zo niet alle tours zijn samengesteld door niet-Marokkanen in het Engels, Frans en Spaans. Zij hebben de term Berber meer en meer doelgericht ingezet. Het herhaaldelijk gebruik van het begrip, droeg bij tot het in stand houden van het begrip en het gebruik daarvan onder schrijvers en website eigenaren. Niemand kan ontkennen dat de Berber populairder is als de Amazigh op deze duizenden websites.
Er zijn ontelbare redenen voor de keuze van dit begrip en zij zijn allen onverdedigbaar. Ik zal er hier een aantal aanhalen. De eerste is het wijdverspreide gebruik onder ‘de kathedralen van de mensen rechten’. Het tweede is het lucratieve gebruik door de term in verband te brengen met de woestijn en het onvermijdelijke bezoek daaraan. ‘Berbers’ zijn gedwongen om hun “Berbers zijn’ te gebruiken om financieel te overleven en het zo hun huidige positie nuttig te maken. Ten slotte is het ongemakkelijk om Berber te zijn; men dient geïsoleerd van de moderne en globaliserende wereld te leven.
Achterliggende redenen die deze verborgen doelen verklaren. De eerste is de verloochening van de betrokkenheid van de staat bij de zaak van de Amazighen. Veel opgeleide activisten streven er voortdurend naar om het verdraaide beeld van de Imazighen bij te stellen door de toeristische verhalen te herzien. Het lijkt erop dat er nog geen academisch onderzoek naar gedaan is.
Een andere bepalende factor is de onverenigbaarheid van deze manier van zaken doen met een levende en vitale cultuur.
Om precies te zijn toerisme beoogt historische valkuilen van politieke systemen te bedekken ( en te onthullen). Het zou de toeristen, waaronder de Marokkanen zelf, beter helpen als zij de waarheid kenden, zelfs als dat een gedeeltelijke waarheid was, om de woorden van James Clifford aan te halen.
Het tweede aspect handelt over de verschillende verschijningsvormen van het gebruik van het begrip Berber. Hieronder behandel ik de gebruikelijke uitingen van de westerse erfenis binnen het nationale toerisme. Als een excursie of een tourplanner gebruik maakt van het begrip Berber, is deze persoon gedwongen om ‘meerwaarde’ toe te voegen; een gevoel van de woestijn, authenticiteit, rust, originaliteit, met de hand gemaakt, een door de natuur bepaald leven. Deze algemene kenmerken komen veel voor in het boek van Edward Said over Oriëntalisme. Zij verwijzen namelijk naar tweedelige opposities die men tegenkomt in oriëntaals werk van bijvoorbeeld George Orwell, Joseph Conrad ed.
Daarentegen kwamen, Franz Fanon, Horni Bhanbha, Stuart Hall en Chenoa Achebe in op stand tegen de verraderlijke wijze waarop verhalen zijn gestructureerd, door wat Jean Francois Leotard noemt de metaverhalen uit te denken. In deze zin is, “Can the Subaltern speak’, door Gayatri Chakravatory Spivak, een interessant en oorspronkelijk werk.
Men wordt hier herinnerd aan het belang van deze werken, waarmee je de meeste beelden die Marokkaanse teksten en websites schetsen mee kan vergelijken. Uiteindelijk is de rol van het geven van kritiek niet het opsommen of een oproep doen om deze verhalen te heroverwegen, maar om gaten te slaan in deze onwrikbare verhalen en de Marokkaanse teksten over toerisme drastisch te veranderen.
In de culturele studies is een tekst een dekmantel, dus een neutrale tekst kan geen overweging zijn.
Deze paragraaf geeft samenvattingen van de volgende Marokkaanse toerisme websites over de zogenaamde betekenissen van het gebruik van de term Berber.
De eerste is van de Travel of Morocco Company’s website. Daar leest men
‘De Kameelrit duurt ongeveer 1 uur en 30 minuten om bij het kamp aan te komen waar we in de geest van de nomadische, berber levenswijze het bezoek voortzetten’. Een ander interessant voorbeeld is het volgende. Een vormgever van de website schrijft; ‘We zullen het Atlas gebergte oversteken, langs de weg van de grotten, om een nomadische familie te bezoeken en hun manier van leven te zien’. De vormgever van de website brengt de levenswijze met nomadendom, woestijn en grotten in verband. Er zijn hierover ontelbare vergelijkbare voorbeelden te geven. Om een voorbeeld te geven Imazightaligen en Imazighen bevolkten historisch gezien Merzouga; en gebruikten niet berber of de berber taal. De Imazighen van Merzouga zijn zich niet bewust van deze onregelmatigheden in het gebruik van de taal en ruimte.
Ook zijn er uitdrukkingen als, ‘Berber’ camping, tent, leefstijl, huis, hotel munt thee, kleding en maaltijd, muziek…..Zijn deze normaal voor de toeristen? Waarom niet de uitdrukking vrijheid in het Tamazigh gebruiken? Waarom blijven zij de term gebruiken, zeker als de gidsen niet meer overeen komen met de updates in het land? Waarom voorzien zij toeristen van verouderde informatie? Het is naar mijn weten, de plicht van de medewerkers en de leidinggevenden in de toeristenbranche om nieuwkomers in het land van ware en werkelijke informatie te voorzien en hen niet te misleiden en verkeerd voor te lichten.
Er bestaan algemene beelden over cultuur in harmonie met de natuur, geografie en landschap. ‘Berbers’ in de taal van het toerisme en het Imazighen in de formele taal zijn verwikkeld in een proces van vervreemding, ontevredenheid en gebrouilleerdheid met zichzelf zonder zich daarvan ten volle bewust te zijn. Tenslotte worden er voor gewetensvolle mensen een aantal praktische en noodzakelijke aanbevelingen gedaan, waarmee zij hun voordeel kunnen doen.
Het derde aspect betreft de aanbevelingen waarmee men rekening kan houden bij het ontwerpen en plannen van toeristische reizen. Ik voeg deze aanbevelingen toe als een opmaat om het beeld van de betrokken mensen binnen de toeristische industrie te hervormen. Ik meen dat deze aanbevelingen van groot belang zijn. Niemand kan ontkennen dat de diensten onvolkomen zijn in deze door de economie voortgedreven sector van het land. Het is van belang zolang het de burger dient, ten koste van alle andere overwegingen.
De planners van toeristische reizen en excursies worden geadviseerd de volgende aanbevelingen in overweging te nemen en hun verouderde informatie bij te stellen en de herinneringen van hun klanten op te frissen.
De inhoud cognitief aan te passen aan de werkelijkheid in Marokko en aan de grondwet
Pas snel de beeldvorming rond Imazigen aan en spreek niet van Berbers als zij daar niet voor opteren.
Pas het jargon van plaatselijke en professionele gidsen in de Marokkaanse toerisme branche aan
Breng moderniteit met authenciteit in verband als men naar Imazighen en seculiere bevolking verwijst
Breng de wijdverspreide onjuistheden van de overheid aan het licht als het gaat om het huisvesten van nomaden in plaatsen en steden.
Werk aan samenwerking tussen de vormgevers van websites en touroperators
Werk aan samenwerking tussen vervoerders, gidsen in het veroordelen van het negatieve gebruik van de term
Zeg ja tegen het bewust maken van Imazighen van hun rechten
Nee, tegen het gebruiken van Nomaden om aandacht te krijgen voor beperkte toeristische doelen
Ja tegen een pragmatische benadering richting nomaden binnen de toeristische zetting en eigenaren van toeristen bedrijven.
Toeristische websites zijn etalages voor toeristen en reizigers uit binnen en buitenland. Dit is een beperkte kijk op de websites. Door de toeristische tekst kan men doelbewuste perfide leugens en onware informatie overdragen met als doel de instemming en de tevredenheid van de klant. Daarom is de sector er absoluut niet in geslaagd om aan de ethische normen van onderzoek te voldoen. In dit essay roep ik de vormgevers van de websites op om de hierboven gedane aanbevelingen in overweging te nemen. Zij stellen zich zich namelijk ten doel vertrouwde technieken en ter beschikking staande middelen en ingevoerde processen te verbeteren en te borgen in de toenemende ontwikkeling van de toeristen sector, die een integraal deel uitmaakt van de nationale economie. Dit mag niet ten kosten gaan van een van de essentiële delen van de Marokkaanse samenleving als wel van haar cultuur.
De oude traditie van Amazigh tattoo’s verdwijnt snel gezien het feit dat de oudere vrouwen de laatsten zijn die deze tatoos nog dragen
Rabat – Historisch, Amazigh (Berber) vrouwen tatoeëerden hun gezichten, voeten armen en andere delen van hun lichaam voor verfraaiing, gezondheid en bescherming. Deze oude traditie verdwijnt omdat culturele ontwikkelingen en de tradities onderhevig zijn aan verandering. Onder invloed van de globalisering en de Islam, verdwijnt deze oude traditie snel.
Amazigh vrouwen die vandaag de dag nog tattoos dragen, zijn geboren
in een tijd dat het dragen van tattoos nog werd aangemoedigd, veel geprezen
werden en een integraal deel van het leven vormden
Nog tijdens hun leven
waren deze vrouwen getuige van een onverwachte verandering binnen Marokko en
Noord Afrika, waardoor hun tattoos, die hen eens zeer gelieft maakten, nu een
bron van schaamte vormen.
Tatoeëren is een oude traditie die door verschillende culturen over de gele wereld wordt gepraktiseerd. In Noord Afrika stamt het tatoeëren uit ‘de voor Islamitische tijd’, en in heel Marokko droeg de Amazigh bevolking consequent deze tattoos.
Young Amazigh woman with siyala tattoo. Photo by Michael Peyron.
Historisch gezien, hielpen
deze tattoos de nomadische Amazigh stammen de leden van de verschillende
groepen te onderscheiden. De symbolen van de tattoos hadden een bindende
werking, die diep geworteld is in de geschiedenis en het overleven van de groep.
Naast verfraaiing, vertelden de tattoos de verhalen van de stam, bond de
vrouwen aan het land en toonden de familieverbanden.
De bezetting door de Fransen en de opkomst van de Islam in Marokko zorgde voor een nieuw vooroordeel, die er toe leidt dat deze praktijk nu snel verdwijnt. De getatoeëerde oudere Amazigh vrouwen van vandaag zijn de laatste generatie die nog onderdeel uitmaken van deze traditie.
Young Amazigh women with siyala tattoos. Photo credit: Michael Peyron.
Het
doel en het plaatsen van tattoos
De Amazigh tattoo ontwerpen,
die traditioneel op vrouwen worden geplaatst zijn hoog symbolisch van aard en
zouden de vruchtbaarheid bevorderen, ziektes genezen en beschermen tegen jnoun geesten.
Vaak worden de Amazigh tattoos dichtbij de ogen, mond en neus geplaatst. De
tekens die al op jonge leeftijd op meisjes worden geplaatst, functioneren als
een toegangsritueel. Nadat een Amazigh meisje getatoeëerd was, werd zij een
vrouw, die klaar was voor het moederschap.
Tattoos begeleidden de Amazigh vrouwen gedurende hun leven. De eerste gezichtstattoo werd “siyala” genoemd en werd op de kin geplaatst voor vruchtbaarheid. Ook werden vrouwen op jonge leeftijd voorzien van tattoos om hun tegen de dood en ziekte te beschermen. Vrouwen kregen naast de tattoos voor de belangrijke mijlpalen in het leven, zoals het begin van de puberteit en voor vruchtbaarheid, meer tattoos. Tattoos werden ook gebruikt om de maatschappelijk en huwelijkse status te tonen en voor schoonheidsredenen.
Later in het leven, als de sociale status van de vrouw
veranderde, veranderden de tattoos met hen. Als een vrouw weduwe werd, kon zij
een tattoo krijgen van oor tot oor, dit symboliseerde de baard van haar dode
man.
Echter, als je de
vrouwen tijdens interviews vraagt naar het doel van hun tattoos, vertelden vele
van deze getatoeëerde vrouwen en hun familie
aan Morocco World News, dat het
enkel en alleen decoratief en een verfraaiend doel diende. Fatima, een oudere
vrouw met vele gezichts tattoos gaf te kennen dat haar tattoos ‘hetzelfde was
als make up’.
Toen een andere vrouw
uit Khemisset, een stad ten oosten van Rabat, gevraagd werd wat de betekenis
was van de symbolen op haar gezicht. Antwoordde zij ‘dat het alleen decoratief
was’.
De betekenis
van de symbolen
Veel tattoo symbolen
verwijzen naar de plantenwereld. De palmboom is een veel voorkomende gezichts tattoo,
getekend al een rechte lijn omgeven door puntjes die zaden voorstellen en wordt
geplaatst tussen de onderlip en de kin als een “siyala.”
De tattoo verwijst ook
naar de Carthagaanse godin Tanit, die de godin van de vruchtbaarheid en de maan
is voor de Amazigh bevolking. Deze tattoo is een symbool van vruchtbaarheid en
wordt beschouwd al een van de mooiste symbolen die een vrouw kan dragen op haar
gezicht.
Tattoos die gebaseerd
zijn op de dierenwereld verwijzen naar de vrouwelijke seksualiteit. Bovendien
werden tattoos met de vorm van een diamant, zoals het oog of de bloem, gezien
als tekens van bescherming tegen boze geesten.
Een van de belangrijkste aspecten van deze ontwerpen was de wijze waarop zij vrouwen van verschillende generaties verbond omdat zij doorgegeven werden van moeder op dochter.
Fatima, an Amazigh woman in Khemisset, Morocco, posing with her tattoos. Photo credit: Carolina McCabe, Morocco World News
Het tatoeëer
proces
Een tattoo artiest was
vaak een vrouw van middelbare leeftijd uit de omgeving van de woonplaats van
een jong meisje, zij kwam meestal om de jonge vrouwen uit de verschillende
dorpen te tatoeëren. De tattoo meesteres had haar eigen signatuur op de
ontwerpen die specifiek voor haar waren en voor de regio. Terwijl zij
tatoeëerde, maakte zij van de gelegenheid gebruik om advies te geven, vragen te
beantwoorden en nieuwtjes uit te wisselen met de vrouw die getatoeëerd werd.
Deze vrouwelijke tatoo
artiesten maakten de inkt voor het tatoeëren op verschillende wijzen. Een van
de meest gebruikelijke wijze van bereiding was het persen van de bladen van
grote (fava) bonen. Naast de verfstof gebruikte de tattooist scherpe naalden,
wierook, houtskool en aromatische kruiden.
Van deze ondersteunende manier van het zetten van tattoos was niet altijd sprake. Een oudere vrouw, Hama, vertelde aan MWN in Khemisset, dat de tattoo artiest naar haar woonplaats kwam en haar met geweld haar gezicht tatoeëerde ondanks het feit dat zij om hulp riep. Zij was maar twaalf jaar oud en eindigde met een tattoo tussen haar wenkbrauwen en een lijn op haar kin voor de rest van haar leven.
De
invloed van de Franse bezetting
Aan het begin van de twintigste eeuw tijdens de Franse
bezetting begon de betekenis van de tattoos te veranderen. Voor een aantal
Amazigh vrouwen moedigde de bezetting hun juist aan om tattoos te laten zetten,
omdat zij geloofden dat zij hen beschermden tegen verkrachting. .
Volgens professor Ahmed
Aassid, gebruikten de vrouwen de tattoos om hun onafhankelijkheid en vrijheid
tijdens de Franse kolonisatie uit te drukken. De tattoos werden ook gebruikt om
de Marokkaanse mannen harder te laten werken. .
Tijdens de bezetting zetten
de Fransen in heel Marokko bordelen op en ontvoerden Amazigh vrouwen uit de
landelijke regio’s om in deze bordelen als prostituee te werken. Omdat veel van
deze Amazigh vrouwen tattoos droegen, ontstond er een verband tussen
prostitutie en gezichtstattoos. Langzamerhand begon de Marokkaanse samenleving
vrouwen met gezichtstattoos af te keuren omdat zij die in verband werden
gebracht met prostitutie.
Islam
en tattoos
Een andere factor die
een rol speelde in de uitroeiing van het zetten van tattoos in de Aamzigh
cultuur was de moderne Islamisering van Marokko.
Als reactie op de Iranese
revolutie in 1979, werden mensen uit het Midden Oosten, die sterk beïnvloed
waren door de conservatieve Salafistische tak van de Islam door koning Hassan
II aangemoedigd in Marokko rond te reizen om de linkse vleugel weerstand te
bieden. Volgens Amazigh specialist Michael Peyron, vertelden deze leermeesters dat
de tattoos Haram waren en daarom verboden als onderdeel van hun salafistische
preek.
De leermeesters die in
Saudi Arabië zijn opgeleid, hingen een strenge en fundamentalistische
interpretatie van de Islam aan. Hoewel het Wahabisme al sinds de 19e
eeuw in Marokko bestond, kreeg het geen regeringssteun tot de jaren 80. Ook
wezen de predikers tijdens hun preken, naast de veroordeling van de tattoos, op
het belang van het dragen hijab en hadden zo grote invloed op de invoering en
verspreiding van het dragen de hijab in Marokko.
Hoewel de Koran geen
melding maakt van tatoeëren, veroordeeld een Hadith, een verhaal over de
Profeet Mohammed deze praktijk. Volgens de Hadith Sahih al-Bukhari, verteld
door Hudhayfa, “ Vervloekt de Profeet een ieder die tattoos zet en diegene die
een tattoo laat zetten”. Dit omdat zij door het zetten van tattoos het lichaam
veranderen, en dus Gods schepping veranderen.
Een andere reden om
deze traditie te verbieden is dat door de tatttoos het water de huid niet bereikt
en zo ‘wudu’ tegengaat de rituele louterende wassingen. In werkelijkheid wordt
de tattoo verschillende lagen onder de huid geplaatst en heeft het geen effect
op het water op de huid.
Hoewel de Islam de
belangrijkste reden vormt voor het verdwijnen van de traditie van het zetten
van tattoos, is tatoeëren terug te leiden tot de tijden van de Profeet
Mohammed, toen de meeste vrouwen getatoeëerd waren. Laila Fatima Zahra, de
dochter van de profeet, droeg hoogst waarschijnlijk de siyala tattoo op haar
kin.
Volgens de Amazigh activist, wordt de traditie niet langer voortgezet daar waar de religie grote invloed heeft omdat deze tattoos als ‘haram’ beschouwd worden. Maar in regio’s waar de religie geen of minder invloed heeft zoals in Khenifra in het centrum van het Midden Atlas Gebergte, zetten de Zayanes Amazigh deze traditie voort.
Photo credit: Michael Peyron.
Amazigh
vrouwen die nu tattoos dragen
Sinds het midden van de
tachtiger jaren, houdt de traditie van het zetten van tattoos op te bestaan in
het grootste deel van Marokko. Het verdwijnen van de traditie wordt niet alleen
in verband gebracht met de Franse bezetting en de rol van de Islam, maar ook
met verstedelijking en modernisering van de Marokkaanse samenleving.
Traditionele tattoos,
zoals die van de Amazigh vrouwen worden nu als onbetamelijk en ouderwets
gezien.
Terwijl de Marokkaanse
vrouwen zich nu afkeren van de traditionele Amazigh tattoos, schakelen zij nu
over op deze vorm van verfraaiing, door het gebruik van henna. Bovendien laten
sommige jongeren, ondanks dat het ‘haram’ is, moderne tattoos zetten.
In de stedelijke
omgeving van Marokko, zoals Rabat of Casablanca, is het zeldzaam om vrouwen met
gezichts of lichaams tattoos te zien. Sommige vrouwen vooral die in de grote
steden hebben ervoor gekozen om hun tattoos te laten verwijderen, wat een
pijnlijk en kostbaar proces is.
In de landelijke
gebieden wordt deze traditie nog maar in weinig gevallen voorgezet. Er zijn
geen jonge vrouwen meer die tattoos laten zetten in deze regio’s, maar veel van
de vrouwen van oudere generaties hebben nog steeds tattoos op hun gezichten,
handen en voeten.
Sommige vrouwen die MWN
in Khemisset sprak vertelden dat zij gewend ware om trots te zijn op hun
tattoos en dachten dat zij mooi waren, maar nu schamen zij zich diep voor hun
tattoos en voelen zich schuldig omdat zij ‘haram’ zijn. Fatima uit Khemisset zei
dat zij zich schuldig voelt en gelooft dat het hebben van een tattoo een
misdaad is.
Echtgenoten en families
die vrouwen aanmoedigden en zelfs vrouwen op jonge leeftijd dwongen om tattoos
te laten zetten, vertellen nu deze te laten verwijderen of ze te bedekken. Tattoo
symbolen werden doorgegeven van generatie op generatie en dat zal niet langer
via de huid voortgezet worden.
De traditie van tattoos
verbindt de Amazigh bevolking van Marokko wereldwijd met gemeenschappen van
inheemse bevolking, die tattoos gebruiken al een vorm van expressie, genezing
en bescherming.
Over de gehele wereld, staan de tradities van de inheemse bevolking onder druk en worden bedreigd door globalisering en modernisering, wat leidt tot het verdwijnen van vele inheemse stammen en hun gewoonten. In Marokko en in Noord Afrika is het niet anders. Het is aan de Marokkaanse bevolking om te beslissen wat verloren gaat aan eeuwen oude tradities. Hoe zal Marokko de foto’s, de symbolen, verhalen van de getatoeëerde Amazigh vrouwen voor de toekomst behouden? En hoe zal Marokko de oude tradities die nog voortbestaan beschermen?