door Redactie | aug 24, 2012 |
Bureaucratie Marokkanen ergeren zich groen en geel aan consulaatpersoneel, dat traag werkt en ook corrupt zou zijn. Willekeur, lange wachttijden en algehele labbekakkerigheid: de Marokkaanse gemeenschap heeft een waslijst aan klachten over het Marokkaanse consulaat. ‘Niemand gaat hier zonder hoofdpijn weg.’
Aan de ambtenaar is niet te ontkomen
Het Amsterdamse consulaat is het hoofdconsulaat van de vier Marokkaanse consulaten in Nederland. Naast het consulaat in Amsterdam zijn er consulaten in Den Bosch, Rotterdam en Utrecht. Het consulaat in Amsterdam is bedoeld voor Marokkanen uit heel Noord-Holland, Groningen en Friesland. Alle Marokkaanse Nederlanders krijgen te maken met een consulaat, ook de tweede en de derde generatie. Kinderen van wie één van de ouders Marokkaans is, krijgen automatisch de Marokkaanse nationaliteit, waarvan geen afstand kan worden gedaan. In het consulaat worden onder meer identiteitspapieren verstrekt, geboorteaangiften verwerkt, huwelijken voltrokken en officiële documenten gelegaliseerd. De consulaten vallen onder het Marokkaanse ministerie van Buitenlandse Zaken.
Direct na binnenkomst van de wachtruimte wordt twee Marokkaanse mannen amicaal de hand geschud door het hoofd van het Marokkaanse consulaat, in pak. Anders dan alle andere bezoekers van het Marokkaanse consulaat hoeven zij geen nummer af te halen bij de receptie, maar worden zij meteen doorgeloodst naar de loketten. Verontwaardigd kijken de nabije wachtende bezoekers het drietal na.“Taz … Belachelijk,” mompelt een man als ze uit het oog verdwenen zijn. “Zag je dat? Die bolle laat gewoon mensen voor,” merkt een meisje op tegen haar oom naast har. Willekeur is een veelgehoorde klacht vanuit de Marokkaanse gemeenschap over het Marokkaanse hoofdconsulaat, gevestigd in een vrijstaand pand naast het Vondelpark. De lijst met klachten is lang en uiteenlopend, waaronder ambtenaren die – in tegenstelling tot de meeste bezoekers – geen Nederlands, Berbers of Engels spreken. Maar ook: slechte informatievoorziening, lange wachtduur, slecht sanitair, onbetrouwbare openings- en sluitingstijden, parkeerproblemen, het weigeren van het registreren van Berbernamen, slechte toegankelijkheid voor rolstoelgebruikers, klantonvriendelijk gedrag en corruptie. Al deze klachten zijn twee jaar geleden door drie Marokkaanse organisaties – de stichting Aknarij, het Komitee Marokkanen voor Mensenrechten en het Komitee Marokkaanse Arbeiders Amsterdam – persoonlijk aan het vorige hoofd van het consulaat voorgelegd. “Dat sprake zou zijn van corruptie werd natuurlijk ontkend,” zegt Hassan Ayi, voorzitter van het Komitee Marokkaanse Arbeiders Amsterdam. “Het is niet te bewijzen, maar iedereen weet het.” Vorig jaar staakten nagenoeg alle Marokkaanse consulaatmedewerkers in Nederland omdat ze ontevreden zijn over hun arbeidsvoorwaarden. Ze zouden ontslagen worden bij ziekte en geen pensioen opbouwen. Sommige medewerkers zouden door onderbetaling in de schuldsanering te zitten. Mohamed Skefati van het Komitee Marokkanen voor Mensenrechten: “Je bent in het consulaat overgeleverd aan de stemming van de ambtenaar. Een geboorteakte, nodig voor de aanvraag van de meeste officiële documenten, is bij de ene ambtenaar drie maanden geldig, bij de tweede zes maanden en bij de derde een jaar. Je weet niet waar je aan toe bent.” Iedereen hoort van corruptie, zegt hij. “De meeste mensen zien het als een probleem, dat ze tegelijk accepteren. Corruptie is diepgeworteld in Marokko. Dit probleem stopt niet abrupt bij de grens.” Naar de andere klachten luisterde het hoofd van het consulaat wel, zegt Ayi. Maar er is nog niets gebeurd. Demonstreren voor het consulaat heeft niet zijn voorkeur, maar hij sluit het niet uit.“Wij Marokkanen zijn de problemen zat.”
‘In Marokko is corruptiediepgeworteld en dat stopt niet bij de grens’
Het is kwart over negen als de eerste ding-dong uit de speaker in de wachtkamer klinkt. De eerste wachtende is aan de beurt. Dit is een kwartier na de officiële openingstijd van het consulaat. Een blik op de loketten leert dat nog lang niet alle ambtenaren op hun plek zitten. Tegen half tien begint er pas echt beweging in te komen en worden drie nummers nagenoeg tegelijkertijd naar voren geroepen. “Het is rustig vandaag. Ik heb nu nog maar tien wachtenden voor me,” zegt een vrouw met een met kralenafgezette hoofddoek na drie kwartier wachten. Ze zit tussen een rijtje vrouwen in de uiterste hoek van de volle wachtruimte – die zeventig stoelen telt. Haar ogen flitsen elke minuut naar het bord hoog aan de achterwand. Halverwege de ochtend verliest de eerste klant haar geduld. Ze verheft haar stem tegen de ambtenaar achter de receptie. “Ik ga niet nog eens tien dagen op mijn paspoort wachten,” schreeuwt ze. “We vertrekken vrijdag al naar Marokko.” Op de dreinende baby’s na valt iedereen in de wachtruimte onmiddellijk stil. Een tweede ambtenaar komt erbij staan. Gebiedend: “Wilt u niet zo schreeuwen, mevrouw?” Zij: “Ik heb alle recht om te schreeuwen!” De andere ambtenaar: “Als u wilt schreeuwen, moet u dat maar buiten doen.” Hierop beent de vrouw woedend het consulaat uit. Twee minuten later is er opnieuw onenigheid tussen de ambtenaar en een klant. Een oudere bezoeker verbaast het niets: “Als je naar het consulaat gaat, moet je niet vergeten paracetamol mee te nemen. Niemand verlaat het consulaat zonder hoofdpijn.” Na uren gewacht te hebben, staat een familie buiten te wachten om met de auto te worden opgehaald. Het is daarbinnen een chaos, beamen ze. De oudste vrouw: “Maar hoe het er nu is, is een luxe in vergelijking met jaren geleden.” Het consulaat is over de jaren inderdaad verbeterd. Zo kwam er een wachtrijsysteem en sinds de verbouwing is het consulaat van binnen niet verder vervallen. Ook is er een poging gedaan de informatievoorziening te verbeteren. Het consulaat heeft een centraal nummer met een keuzemenu in het Arabisch en het Nederlands, waar bellers, met geluk, doorheen komen na tientallen keren bellen. Vorig jaar had het consulaat nog geen website, op dit moment is de site offline. Om half een is de ambtenaar weg en stopt de nummeruitgifte, terwijl op de website van het consulaat vermeld staat dat je er tot 13.00 uur terecht kunt. Het voltooien van een simpele aanvraag kan bij het Marokkaanse consulaat oplopen tot vier uur. De administratie verloopt nog met de hand. Achter de rij van vijftien loketten ligt een twee meter brede tafel vol stapels aanvragen voor legitimatiebewijzen. Het gros van de ambtenaren beschikt niet over een computer. Ze gebruiken stempels, handtekeningen en zegels.
Hij knipoogt en zegt dat hij een keer langskomt op haar privéadres
De sfeer onder de ambtenaren is jolig. De ambtenaar die de vingerafdrukken verzorgt, knipoogt tegeneen vrouwelijke klant en zegt dat hij een keer langskomt op haar privéadres, ambtenaren lachen bij de printer hoorbaar om gekke achternamen van klanten en achter de loketten gaat een zak gesuikerde perziksnoepjes van hand tot hand. De balie van elk loket is ongeveer één meter twintig hoog: doordat de ambtenaren op bureaustoelen zitten, komen de meesten maar net met hun kruin boven de balie uit. Een ambtenaar vertelt dat ze nu drie jaar in Nederland werkt. Of ze Nederlands leert? “Nee,” zegt ze schouderophalend. “Over een jaar zit mijn termijn erop en ga ik terug naar Rabat.” Een week later is de ramadan begonnen en heeft het hoofd van het consulaat, Mohamed Mouadi, zijn pak verruild voor traditioneel Marokkaanse kleding, een djellaba met daaronder leren Marokkaanse puntige sloffen. Hij zit in zijn werkkamer op de eerste etage achter zijn bureau. Over de klachten zegt hij: “Die komen van mensen die niet het beste met ons voor hebben.” Voor verder commentaar is hij niet bereikbaar.
Door: Heiba Targhi Bakkali
Dit artikel verscheen zaterdag 18 augustus in Het Parool
door Redactie | aug 12, 2012 |
Marokkaanse Nederlanders, leden en sympathisanten van Amnesty International hebben bevreemd en verontwaardigd gereageerd over het bezoek van Ila Kasem, bestuursvoorzitter Amnesty Nederland, aan een Marokkaans troonfeest. Dit feest, georganiseerd door het Marokkaanse consulaat in Utrecht, had de 13-jarige troonsbestijging van de Marokkaanse koning Mohammed 6 te vieren als doel.
De Marokkaanse Nederlanders (e.a) vinden dat zij door de Nederlandse afdeling van Amnesty International hierdoor in de steek gelaten worden tijdens een kritische periode waarin mensenrechtenschendingen in Marokko aan de orde van de dag zijn. Afgelopen periode zijn er tientallen politieke en mensenrechtenactivisten in het land achter tralies beland met hoge gevangenisstraffen. Hiervan zijn sommigen vanwege de erbarmelijke omstandigheden in hongerstaking. Boven genoemden en een aantal NGO’s vinden dat de Nederlandse afdeling van Amnesty International met de aanwezigheid van hun voorzitter een verkeerd signaal afgeeft. Kasem zou vanwege zijn functie bij Amnesty International Nederland en zijn betrokkenheid bij de Marokkaanse gemeenschap zich bij uitstek bewust moeten zijn van de schrijnende mensenrechtensituatie in Marokko. Hierdoor zou hij en daarbij Amnesty International zich niet moeten laten associëren met wandaden van de Marokkaanse overheid. ‘Het bezoek van de voorzitter van Amnesty Nederland aan het troonfeest druist in tegen de principes van de organisatie’ aldus Rani el Kaddouri, de voorzitter van het Forum Mensenrechten Noord- Marokko.
Marokkaanse NGO’s Nederland zijn verbolgen
Mohammed Skefati, voorzitter van het Komité Mensenrechten Marokko (KMM), zei in een reactie dat het ongehoord en onverstandig dat een publieksfiguur binnen het mensenrechtenveld bij een troonfeest van een staat aanwezig is die de mensenrechten op grove wijze schendt. ‘het is onverstandig, in welke hoedanigheid hij daar ook was’ aldus Skefati. Volgens Skefati had de voorzitter Kasem aandacht moeten vragen voor de 450 arrestanten die sinds de opkomst van de 20 Februari Beweging zijn gearresteerd waarvan tientallen zware gevangenisstraffen hebben gekregen en in hongerstaking zijn –met alle gevolgen van dien- en de martelaren van de beweging waaronder de 5 jongeren die omgekomen zijn in Al Hoceima en waar nog steeds geen onderzoek is gedaan naar de toedracht. Skefati voegt hieraan toe dat er geruchten (die nog geverifieerd zullen worden) zijn dat de voorzitter van Amnesty Nederland bij heeft gedragen aan de totstandkoming van het troonfeest. Hij geeft aan het voorval niet onopgemerkt voorbij te laten gaan. ‘Wij zullen Amnesty Nederland vragen om opheldering over deze kwestie’.
El Kaddouri, vindt dit voorval betreurenswaardig. Hij zegt dat Forum Mensenrechten Noord- Marokko teleurgesteld is. ‘Amnesty kan zich als een onafhankelijke en betrouwbare mensenrechtenorganisatie niet inlaten met lobbyactiviteiten van landen waarin de mensenrechten worden geschonden’. Verder voegt El Kaddouri toe het erg spijtig te vinden dat Amnesty International in Nederland Marokko niet meer als aandachtsland heeft. Forum Mensenrechten Noord- Marokko vindt dat er hernieuwde aandacht moet komen voor het land gezien de recente ontwikkelingen en de toenemende bezorgdheid van vele Marokkaanse Nederlanders.
Marokkaans lobby op Nederlandse bodem.
Volgens een Marokkaanse Nederlander uit Rotterdam (die niet bij naam genoemd wil worden) zijn soortgelijke activiteiten van het Marokkaanse consulaat bedoeld om vooraanstaande Marokkaanse Nederlanders aan zich te binden om daarmee een Marokkaanse lobby op Nederlandse bodem te creëren. Dit betekent dat deze ‘nieuwe ambassadeurs’ vooral het imago van Marokko proberen op te poetsen. Hierbij zouden de aanwezigen ook alleen op uitnodiging mogen zijn.
In een telefonisch gesprek met Amazightimes gaf de persvoorlichting van Amnesty Nederland aan dat Kasem het troonfeest waarschijnlijk op persoonlijke titel heeft bezocht. De functie van voorzitter bij Amnesty Nederland is een onbezoldigde functie, bestuurders hoeven geen verantwoording af te leggen voor privé aangelegenheden. Het bezoek van Kasem zou niets af doen aan de geloofwaardigheid van Amnesty. Ila Kasem zelf was niet bereikbaar voor commentaar.
door Redactie | aug 5, 2012 |
Over de Riffijnse/noord- Marokkaanse vrijheidsstrijder en strateeg Abdelkrim Alkhattabi die de Rifoorlog tussen 1921 en 1926 leidde is het boek ‘Abdelkrim, parcours van een vrijheidsstrijder’ verschenen. Het boek is geschreven door Ali Idrissi.
Na de onafhankelijkheid te hebben afgeroepen en na de vele veldslagen die het kleine Riffijnsee leger van de Spanjaarden en de Fransen had gewonnen moest Abdelkrim zich na het gebruik van Duitse gifgas gewonnen geven en gaf hij zich over aan de Fransen.
Het door de Marokkaanse historicus Mustapha Aarab vertaalde werk spits zich anders dan vele andere publicaties over de Riffijnse verzet vooral ook op de visie van de Marokkaanse grootheid over vrijheid, rechtvaardigheid, democratie en de opbouw van een moderne rechtstaat.
Volgens de vertaler is het de bedoeling van het boek om de strateeg en denker Abdelkrim uit het isolement van enkel het militaire leiderschap te halen. Het boek bevat zeldzame en niet eerder verschenen foto’s uit o.a. het privé album van Aicha Abdelkrim Alkhattabi, dochter van Mohammed Abdelkrim Alkhattabi.
Titel: Abdelkrim, Parcours van een vrijheidsstrijder
Auteur: Ali Idrissi
Taal: Nederlands
ISBN: 9789048425501
Aantal pagina’s: 240
door Redactie | jul 20, 2012 |
De Amsterdamse wethouder Andrée van Es van diversiteit en integratie riep Marokkaanse en Turkse vrouwen die naar het land van herkomst op vakantie gaan alert te zijn op mogelijke achterlating. Van Es roept vrouwen op zich voor te bereiden op de vakantie door bijvoorbeeld kopieën van hun paspoort en andere belangrijke documenten en telefoonnummers van de Nederlandse ambassade en hulporganisaties bij zich te hebben.
Marokkaanse en Turkse vrouwen worden vaker door de echtgenoot of vader in het land van herkomst gelaten. Bij ontbreken van de Nederlandse nationaliteit bij deze vrouwen hebben deze vrouwen een zeer zwakke rechtspositie in het land van herkomst.
Volgens Van Es keren elke zomer ongeveer 80 vrouwen en 100 kinderen niet meer terug naar Nederland. Hiervan zou een deel uit Amsterdam komen. ‘Dat is ernstig. Elk jaar worden we geconfronteerd met de gevolgen van de zomervakantie.’ Aldus Van Es.
In een reactie zegt Ikram Chiddi, Voorzitter van de Marokkaanse Vrouwen Vereniging Nederland (MVVN) dat kopietjes enkel een hulpmiddel zijn en geen oplossing van het probleem. Volgens Chiddi ontbreekt het in Nederland aan een sterk juridisch kader die deze vrouwen beschermt. ‘De Nederlandse regering moet meer ruggengraat bieden en instaan voor haar burgers’. Chiddi spreekt ook van een duivels dilemma voor de Marokkaanse Nederlandse moeders. Door de discriminerende onderscheid in Marokkaanse wetgeving kunnen moeders bij terugkeer de eigen kinderen ook niet meenemen naar Nederland. In Marokko heeft namelijk alleen de man juridisch gezag over het kind.
Stichting Steun Remigranten (SSR) waar de achter gelaten vrouwen voorheen enig hulp konden krijgen heeft enkele maanden geleden haar deuren moeten sluiten door een subsidiestop.
door Redactie | jul 19, 2012 |
De aanwezige islamitische rebellen in Azawad zijn bijna allemaal buitenlanders. Dit vertelde een van de vertegenwoordigers van Mouvement National de Liberation de l’Azawad (MNLA) Moussa Ag Attaher gisteravond in Argan in Amsterdam. Verschillende organisaties organiseerden een bijeenkomst over het onlangs opgerichte land Azawad, voormalig Noord-Mali.
De avond werd geopend door de voorzitter van Congres Mondiaal Amazigh (CMA) Fathi Khalifa.Hij reisde onlangs naar een vluchtelingenkamp op de grens van Burkina Faso en Azawad. Khalifa liet verscheidene filmpjes zien waar hulpbehoevende Azwadianen op te zien waren.
Moussa Ag Attaher zei dat veel mensen denken dat de huidige humanitaire en politieke crisis in Azawad een logisch gevolg is van de teloorgang van het Libische regime. Hij deed dit af als onwetendheid. “Toen Mail zich in 1958 van Frankrijk afscheidde, wilden de Tuaregleiders geen deel uitmaken van Mali. De huidige situatie is niet anders dan een product van een lang slepend politiek proces,” legde Assarid uit. Het uitroepen van een onafhankelijke strijd is volgens hem een legitieme zaak. Onder de Malinese overheid is de Tuaregbevolking gemarginaliseerd en zijn hun taal en cultuur structureel onderdrukt.
Op de vraag uit het publiek waarom de Tuaregs een samenwerking zijn aangegaan met islamitische rebellen, is Assarids antwoord dat in Mali verschillende islamitische cellen aanwezig zijn. Het zijn splintergroeperingen die veelal uit het buitenland komen. “We hebben eerst tegen de Malinese overheid gestreden en nu moeten we tegen deze islamitische rebellen vechten. Wij Tuaregs zijn moslim, maar er kan geen sprake zijn dat wij geïnteresseerd zijn in de sharia of andere strenge islamitische regels. Daarom kunnen wij ook niet met een van de moslimrebellen samenwerken. We zullen ze juist bestrijden.”
Lilly Fortune, werkzaam voor verschillende NGO’S in de Azawad regio, voegde hieraan toe dat geen enkele religie tolerant is. Publieke religies hebben de neiging om maatschappijen te destabiliseren. Daarom moet elk geloof zich beperken tot het privédomein.
door Redactie | jun 22, 2012 |
In het eerste kwartaal van 2012 is de werkloosheid onder Marokkaanse Nederlanders gestegen tot 20%. Dat is ruim vier maal zo hoog als onder autochtonen (4,8%). In totaal waren 26.000 Marokkaanse Nederlanders werkloos. In het 4e kwartaal van 2011 waren dat er nog 19.000 en in het 1e kwartaal 2011 14.000. De werkloosheid onder deze groep neemt steeds sterker toe. Opvallend is de toename van de werkloosheid onder jonge vrouwen.
De ontwikkeling van de werkloosheid onder andere etnische minderheden is vergelijkbaar, maar de toename is het grootst onder Marokkaanse Nederlanders. Van het 1e kwartaal 2011 tot en met het 1e kwartaal 2012 steeg de werkloosheid onder niet-westerse allochtonen met 2,7% (van 12,5 naar 15,2%). Onder Marokkaanse Nederlanders met 9,5% (van 10,5 naar 20%). De stijging was het kleinst onder autochtonen: 0,5% (van 4,3 en 4,8%).
Opvallend is de groei van de werkloosheid onder Marokkaans-Nederlandse vrouwen. Die steeg tussen het 1e kwartaal 2011 en het 1e kwartaal 2012 met maar liefst 12% (van 8,1 naar 20,1%). Onder mannen was de stijging 8% (van 12 naar 20%).
Jonge vrouwen het hardst getroffen
Bijna een op de drie jongeren van 15-25 jaar uit etnische minderheden* is nu werkloos (29,1%) tegen een jeugdwerkloosheid onder autochtone jongeren van 9%. In vergelijking met het 1e kwartaal 2011 is de werkloosheid onder autochtone jongeren met 1% toegenomen (van 8 naar 9%). Voor jongeren uit etnische minderheden bedroeg de stijging 7,4% (van 21,7 naar 29,1%).
Daaronder valt vooral de sterke stijging in de werkloosheid onder jonge (15-25 jaar) allochtone vrouwen op. Die ligt nu op maar liefst 32%. Dat is een toename van 12,9% ten opzichte van het 1e kwartaal 2011 (19,1%). Van de jonge autochtone vrouwen is 9,5% werkloos; de toename t.o.v. het 1e kwartaal 2011 bedraagt 0,6%.
Onder jonge mannen uit etnische minderheden steeg de werkloosheid ook, maar minder sterk: met 2,8% (van 23,9 naar 26,7). Onder jonge autochtone mannen was de stijging 1,4% (van 7,2 naar 8,6%).
Kabinet aan zet
In een brief aan het demissionaire kabinet heeft het SMN haar bezorgdheid uitgesproken over deze onrustbarende werkloosheidscijfers en aangedrongen op maatregelen om deze trend te keren. De cijfers tonen volgens het SMN eens te meer aan dat algemeen arbeidsmarktbeleid niet effectief is voor Marokkaanse Nederlanders en andere minderheden en voor hen zelfs negatief uitpakt. Zo verkeert het kabinetsmotto ‘niet de afkomst maar de toekomst’ in de praktijk in haar tegendeel.
Persbericht SMN.