De persoonlijke worsteling van een homoseksuele Marokkaan

Vrij Nederland publiceerde onlangs een mooi stuk over de homoseksuele acteur Fahd Larhzaoui en zijn solovoorstelling ‘Schijn’. Larhzaoui is een Marokkaanse Nederlander die op mannen valt. Iets wat in Marokkaanse kring vaak een taboe is. Om dat te doorbreken, maakte de acteur een voorstelling over zijn persoonlijke worsteling.

In Vrij Nederland zegt de acteur: ‘Mijn voorstelling is universeel, iedereen herkent de strijd die je als persoon moet leveren om te zijn wie je wilt zijn.’ Zijn voorstelling Schijn heeft al veel positieve reacties ontvangen. Vrij Nederland meldt dat zijn optreden in Meervaart, hartje Amsterdam-Osdorp, een hele speciale avond beleefde. De zaal was voor een groot deel gevuld met Marokkaanse Nederlanders. Dat was voor het eerst sinds Schijn in februari vorig jaar in première ging. Vrij Nederland: ‘Al die tijd zaten er wel Marokkanen in het publiek, zelfs eens een imam, maar hoofdzakelijk waren het autochtonen die zijn voorstelling bezochten.’

Schijn is een monoloog over zijn persoonlijke worsteling om te kunnen zijn wie hij is, zonder zijn Marokkaans-Nederlandse familie te kwetsen. In zijn voorstelling vertelt hij over zijn jongensjaren, hoe hij voetbalde met vriendjes en ontdekte dat hij niet kon meepraten over de meisjes. Toen hij uitkwam voor zijn geaardheid, leidde dat in de familie tot heftige scènes.

Vrij Nederland schrijft over de voorstelling in Meervaart: ‘Toen de voorstelling afgelopen was, volgde een gesprek met de zaal. Een jonge, gehoofddoekte vrouw stond op. Ze vertelde hoezeer Larhzaoui haar had geraakt. ‘Waarschijnlijk zou ik ook reageren zoals je familie,’ zei ze. ‘Maar nu ik dit heb gezien, wil ik deze avond alleen maar koesteren. Ik wil je bedanken voor dit mooie verhaal, ik kan hier alleen maar liefde voor tonen. Ik ben trots dat jij dit doet als Marokkaan, dat je dit vertelt over jezelf. Ik zal deze avond niet snel vergeten.’ Ze liep naar hem toe, omhelsde hem en begon te huilen.’

De acteur bekent dat hij het zelf ook niet droog hield. ‘Het was zo’n mooi moment. Ik snak af en toe naar de erkenning van de Marokkaanse gemeenschap. ‘Meer weten of de voorstelling zelf bezoeken? Bekijk dan de blog van Lahrzaoui

Hij, de Riffijn

Rachid Benhammou

Het was een hete, maar vooral stoffige middag in Ait Sidal. Op de achtergrond verrees het Rif gebergte uit de wolken als een reusachtige bondgenoot die een oogje in het zeil houdt. Terwijl de jongen diep in gedachten verzonken was met een stapel tweedehands boeken en een gammel radiootje zonder batterijen voor zich, hoort hij zijn moeder, elders in het huis, bezig zijn met het vervaardigen van haar overheerlijke Tajine. Als hij, hangend uit het raam naar buiten staart, ziet hij zijn leeftijdsgenoten van het dorp op een zanderig stukje braakliggend terrein, druk in de weer met een plastic groene bal. Ze zijn aan het voetballen. Als zijn vrienden hem opmerken, zwaaien ze en roepen hem om ook naar buiten te komen. Hij zwaait vriendelijk terug en een beetje beschaamd, maar vooral zeker van zichzelf, roept hij dat hij even bezig is.

Hij denkt nog heel even aan het moment, een paar weken geleden, toen hij na een middagje voetballen, thuis kwam met een gescheurde broek. Hij herinnert zich vooral het moment dat zijn moeder hem een uitbrander gaf omdat ze het niet zo breed hadden en niet elke keer weer een nieuwe broek konden kopen. Datzelfde gold overigens ook voor de batterijen die hij nodig had voor zijn radio. Tot diep in de nacht luisterde hij naar voornamelijk buitenlandse nieuwszenders, maar dan viel hij in slaap met de radio aan. De ochtend erop bleek vaak dat de batterijen dan op waren. Met die gedachte loopt hij van het raam weg en gaat weer zitten om weer in de boeken te duiken. Zijn enige echte vrienden.

Jaren later is de jongen een man van middelbare leeftijd. Hij staat, een tikkeltje gespannen, voor een groot wit historisch pand. Hij staat er niet alleen. Een legertje van journalisten en tv-ploegen uit de hele wereld wacht geduldig af om hem te interviewen. Hij heeft zo dadelijk een belangrijke bijeenkomst met vele internationale figuren. Mensen die bepalen hoe de wereld draait. En hij is er één van. De afgelopen jaren heeft hij veel bereikt, maar tegelijkertijd ook veel kritiek te verduren gehad. Deze Riffijn is inmiddels een belangrijke en wereldberoemde man geworden. Maar hij ziet er een tikkeltje eenzaam uit. Terwijl de ene na de andere journalist zich aandient, denkt hij nog even aan zijn geboortedorp. Aan zijn moeder, zijn dorpsgenoten en aan zijn gammele radio zonder batterijen. Maar hij denkt ook aan Nederland, aan Rotterdam en hij denkt aan zijn woorden. Zijn woorden die hij veelvuldig heeft uitgesproken zijn hard, maar ook recht uit het hart. Zijn uitspraken worden aan de ene kant bejubeld en aan de andere kant verguisd. Je kunt het met hem eens zijn, maar ook niet. Wat blijft is de impact van zijn woorden. En dat is voor hem genoeg.

Dan is het tijd om naar binnen te gaan. Hij wandelt het Huis van de machtigste man van de wereld binnen alsof het zijn eigen huis is. Ja, een Riffijn in het Witte Huis. Het kan. Hij trekt zijn stropdas recht en kijkt voor de laatste keer nog even om zich heen. Al die mensen, die hem nauwlettend volgen, kijken hem met ingehouden adem hem ook aan. De flitsen van tientallen fotocamera’s doen pijn in zijn ogen. Gaat hij nog wat zeggen? Nee, hij zegt niets, maar denkt wel: “Als ik, die vroeger niet eens batterijen voor een radio kon veroorloven, hier kan staan. Als ik, een doodgewone jongen uit de Rif die zo meteen de machtigsten der aarde mag toespreken, het zover geschopt heeft, dan is er toch nog volop hoop voor de Imazighen in het algemeen? En in het bijzonder voor de jonge Riffijnen in Europa? Ja, zolang je je maar niet laat verleiden om in een slachtofferrol te blijven hangen, kun je inderdaad zelfs in het Witte Huis belanden.”

Dan loopt hij verder en gaat een nóg mooiere toekomst tegemoet. Hij; de jongen van toen, de man van nu. Hij is Aboutaleb. Hij is Riffijn.

 

Marokkaanse zaalvoetballers domineren Oranje

Bij het oefenduel tegen Slowakije vormden de zaalvoetballers van Marokkaanse komaf de meerderheid in Oranje. Een afspiegeling van de samenleving. De nationale zaalvoetbalploeg herbergt momenteel echter weinig spelers met een Nederlandse achternaam. Slechts 2 om precies te zijn, Mats Velseboer en Manuel Kuyk. De rest van de nationale zaalselectie bestaat uit voetballers met een andere etnische achtergrond. Jongens met respectievelijk Turkse, Antilliaanse, Bosnische en – in het overgrote deel – Marokkaanse roots.

De vraag is hoe dat kan. Bondscoach Marcel Loosveld vindt die vraag lastig te beantwoorden. “Laat ik voorop stellen dat ik blind ben geworden voor het verschil in komaf”, vertelt de Maastrichtenaar. “Ik ben inmiddels 5 jaar bondscoach en ja, er is een mix van culturen, maar dat vormt geen enkel obstakel. Ik selecteer eenvoudigweg de beste spelers met een Nederlands paspoort die in de Nederlandse en Belgische competitie actief zijn. Het is voor mij moeilijk om de vinger erachter te krijgen waarom er op dit moment bij de clubs uit de eredivisie veel jongens zitten van Marokkaanse komaf. Misschien komt het doordat er in grote multiculturele steden als Rotterdam en Amsterdam veel op pleintjes wordt gespeeld.”

Is de Islam toe aan revisie?

“Een aangenomen waarheid uit een andere tijd en plaats, zou best eens niet waar kunnen zijn in onze tijd en plaats”.

Op 23 januari a.s. is er een debat in Arminius over het ware gezicht van de islam met o.a. dichter en activist Ahmed Assid. Extremisten, Jihadisten en Syriëgangers beroepen zich op de Koran en de soenna om hun daden te rechtvaardigen. Volgens de beroemde Marokkaanse dichter en activist Ahmed Assid is de Koran in sommige opzichten verouderd, ze is geschreven in een tijd dat de Islam ‘met het zwaard’ werd verspreid. Één van de kernvragen in het debat zal zijn: “In hoeverre en wanneer roepen deze geschriften op tot geweld?”

De vraag of deze geschriften oproepen tot geweld is een belangrijke en wellicht actueler dan ooit, gezien de onlangs gepleegde aanslagen in Parijs en andere delen van de wereld. Immers, vele extremistische en Jihadistische groeperingen baseren hun daden en preken op bepaalde teksten uit deze geschriften. Ondanks dat de vraag simpel lijkt, is het antwoord daarop een lastige. Er zijn teksten aanwijsbaar waarin wordt opgeroepen tot geweld. Wanneer men deze teksten contextueel bekijkt, blijkt echter dat het geen vrijbrief is om los te gaan tegen andersdenkenden en ongelovigen.
De notie of stelling van Ahmed Assid dat de Koran in sommige opzichten is verouderd, deel ik met hem. Wanneer men de Koran bestudeerd komt men er gauw achter dat sommige passages uitsluitend betrekking hebben op een plaats en tijd. Normen en waarden uit de 7e eeuw mogen gedeeltelijk als achterhaald worden beschouwd. Zo was het in die tijd een geaccepteerd verschijnsel om slaven te bezitten of het steniging van vrouwen (de vers van steniging komt overigens niet voor in de Koran). Het eerste is immoreel bezien vanuit onze tijd en het tweede barbaars. Tijdens de Romeinen was het een geaccepteerd verschijnsel dat ze mensen (gladiatoren) lieten vechten tot de dood ter vermaak. Dat zouden we nu niet moeten proberen. Het is achterhaald en barbaars.

Dat bepaalde teksten achterhaald zijn of beter gezegd ingehaald zijn (door tijd), is niet raar. De Koran is namelijk, niet zoals de dogma uit de orthodoxie ons vertelt een eeuwige die al bestond voor de tijd van de profeet, maar een verzameling teksten die gebaseerd zijn op de gebeurtenissen rond en de ervaringen van de profeet. Zou de Koran duizend jaar later zijn ‘neergezonden’, zou deze er anders uit hebben gezien. Reden van openbaring (asbaab unnuzul) is wat de koran heeft gevormd. Dit gegeven maakt dat de Koran begrepen moet worden vanuit die tijd en plaats. Uiteraard zitten er ook teksten in die universeel zijn en voor alle tijden toepasselijk.

Jezus zou eens hebben gezegd: “In all your getting, get understanding”. Dit is waar het aan schort en niet alleen bij moslims. Om iets te begrijpen dien je het totaalplaatje te zien. Wanneer we het totaalplaatje bekijken van de Koran, dan geeft dat een ander beeld dan de afzonderlijke, uit de context gehaalde, teksten. Deze afzonderlijke en uit de context gehaalde teksten, worden veelvuldig misbruikt. Misbruikt door tegenstanders van de islam maar ook door politiek geïnspireerde islam. Zo werden dit soort teksten misbruikt in de film ‘Fitna’ van Geert Wilders en worden ze misbruikt door Jihadistische/ extremistische terreurgroeperingen.
Een nog groter probleem leveren de overleveringen en worden vaak aangehaald door extremisten en Jihadisten om hun standpunt(en) te valideren, niet altijd realiserend, dat veel van deze overleveringen bedacht zijn in een roerige periode (150-300 jaar na de vermeende tijd waarover ze gaan) voor politieke en jurisprudentiële (rechtzaken) doeleinden.

Wat is er nodig om niet in deze val te lopen?
Loop niet klakkeloos achter anderen aan maar onderzoek datgene wat je wilt weten zelf en blijf altijd nadenken. Religie is namelijk geen hogere wiskunde, al doen velen uit machtsbehoud ons dat geloven. Ontwikkel je door kritisch te zijn en door vragen te stellen, ook als deze indruisen tegen dogmatiek. Zou een waarheid zich bedreigd voelen door oprecht kritische vragen te stellen of is het eerder een leugen die zich bedreigd zou voelen?

Het debat is hoe dan ook broodnodig. Een aangenomen waarheid uit een andere tijd en plaats, zou best eens niet waar kunnen zijn in onze tijd en plaats. Wie stelde ook alweer dat de waarheid van vandaag, morgen een leugen kan zijn?

“Mourad El Haji is geboren in Marokko en emigreerde op 7 jarige leeftijd in het kader van gezinshereniging met zijn moeder, broers en zus naar Nederland . Hij studeerde Bouwkunde aan de Haagse Hogeschool/TH Rijswijk. Naast bouwkundig ingenieur is hij echtgenoot en vader van twee kinderen en woont in Berkel en Rodenrijs.”

Marokkaans international El Ahmadi staat achter terugtrekken Afrika Cup

Met het uitsluiten van Marokko van deelname aan de Afrika Cup komt ook de interlandloopbaan van Enschedër Karim El Ahmadi in het geding.

Vier jaar wachten
Als de schorsing van de Marokkaanse bond doorgaat, moet de huidige Feyenoord-speler nog bijna vier jaar wachten voordat hij de mogelijkheid krijgt zich te meten met de wereldtop. „Dan hoop ik maar dat ik nog zo fit ben als nu”, zegt de Enschedese middenvelder van Feyenoord. Hij doelt op het WK van 2018 in Rusland.

‘Bizar dat we worden gestraft’
Als gastheer van de Afrika Cup had 2015 een prachtig voetbaljaar moeten worden voor Marokko. Maar na de uitbraak van ebola raakte de organisatie in de stress, waarna het land onlangs besloot de organisatie terug te geven. Een maatregel met grote gevolgen, want de Afrikaanse voetbalbond deed Marokko meteen in de ban. Een schorsing van vier jaar en een verbanning van twee eindtoernooien is de sanctie die het land nu boven het hoofd hangt. Dat dreigement is in het voetbalmaffe land met verbazing ontvangen. „Het is bizar dat je wordt gestraft terwijl je mensen wilt beschermen”, zegt El Ahmadi. „Het is ook niet zo dat het land er niet klaar voor was. Sterker nog, alle stadions waren af en de mensen keken enorm uit naar het toernooi. Dit had een hoogtepunt moeten worden voor alle Marokkanen.”

El Ahmadi steunt besluit
Voor de voetballers was het toernooi in eigen land ook de ideale gelegenheid eens af te rekenen met de al jaren tegenvallende prestaties van de nationale ploeg. „Wij wilden de mensen wat teruggeven. Dat kan nu niet meer. Dat is enorm balen, maar wij begrijpen de beslissing. Het risico is gewoon te groot. De spelersgroep staat ook als een man achter het besluit. Ook de mensen in het land zijn het met de beslissing eens, hoe jammer iedereen het ook vindt.”

De Slimste Marokkaan

Hoe verbaasd moeten we nu eigenlijk echt zijn dat Adil El Arbi in De Slimste Mens ter Wereld weet wanneer Willy Claes ontslag moest nemen als baas van de NAVO, meteen kan zeggen wie Federica Mogherini is en tussendoor ook nog eens grappig zit te wezen op de manier die zo eigen is aan de quiz? Dat hij als 26-jarige over een brede algemene kennis beschikt, is misschien nog een beetje verrassend. De Slimste Mens is traditioneel een quiz waarin veertigers het goed doen: genoeg feitjes opgeslagen in een geheugen dat nog snel genoeg werkt.

Maar als El Arbi opvalt, is het toch vooral omdat hij een slimme gast is met Marokkaanse roots. En dan kan je alleen maar vaststellen dat je die op televisie nog altijd veel te weinig ziet. Voor je het weet, wordt naast een nieuwe BV vooral een nieuw rolmodel geboren. Het gewicht dat zoiets op de schouders van de toevallig uitverkorene legt, kan je moeilijk overschatten. Doet die het goed in een spelletje dat toch ook nog altijd aaneenhangt van de toevalstreffers, dan is die een op te merken uitzondering. Doet die het slecht, dan staat die meteen weer symbool voor zijn hele gemeenschap, wat die dan ook moge zijn.

El Arbi zelf zegt verderop in de krant dat hij helemaal niet zo’n uitzondering is. Er zit een nieuwe generatie aan te komen. Ambitieus, zelfbewust, klaar om hun plaats in de samenleving op te eisen. Complexloos? Nee, daarvoor zijn ze zich te zeer bewust van spanningen binnen de samenleving waarin ze hun neus aan het venster komen steken. Maar ze lijken vooral niet van plan zich al te snel een etiket te laten opkleven.

Een van de grote gevaren van het debat over diversiteit, is dat het de neiging heeft behoorlijk statisch te worden. Problemen moeten geïdentificeerd en gedocumenteerd worden, belangengroepen moeten gevormd worden, discussies worden uitentreuren herhaald, in het beste geval als het begin van een dialoog, in het slechtste geval in het ene dovemansgesprek na het andere. En terwijl het debat zich zo ontwikkelt, is het bijna onmogelijk om niet in groepen, homogene blokken en stereotypen te denken en te spreken. Maar intussen evolueert de samenleving wel met een rotvaart. En zit daar plots een Adil El Arbi überquizzer Bart De Pauw van de tabellen te spelen.

Laat ze dus maar komen, die nieuwe generatie. En wees niet verwonderd als niet alles wat ze zeggen datgene is wat we willen horen. Dat heb je nu eenmaal met jonge gasten die hun eigen plek in het leven aan het veroveren zijn.