door Redactie | sep 15, 2019 |
Human Rights Watch (HRW) heeft onlangs een rapport uitgebracht waarin zij het Algerijnse regime beschuldigd van toenemende onderdrukking van vreedzame actievoerders in Algerije, vooral van die, die met de Amazigh vlag zwaaien of bij zich dragen.
Op 21 juni, arresteerden de veiligheidsdiensten op grote schaal vooral diegene die met Amazigh vlaggen, het symbool van de Amazigh gemeenschap, demonstreerden. Ongeveer 40 demonstranten verblijven nog steeds in hechtenis, de meesten in Algiers. Allen op verdenking van ‘Het in gevaar brengen van de nationale eenheid’. Waar maximaal 10 jaar gevangenisstraf op staat, op grond van artikel 79 van het wetboek van strafrecht.
“Het zwaaien met de vlag van een etnische gemeenschap is een vreedzame uiting”, beschermd door een internationaal Convenant over Burger- en Politieke rechten, die Algerije in 1989 ratificeerde, evenals de African Charter on Human and Peoples’ Rights. Algerije dient de aanklachten tegen iedereen die gearresteerd is voor het in bezit hebben of zwaaien met een vlag in te trekken en vrij te laten, Aldus Human Rights Watch.
De grootschalige arrestaties begonnen nadat leger chef Gaid Salah, ‘buitenlandse partijen ‘ ervan beschuldigde ‘demonstraties te infiltreren’ en ‘Algerije te destabiliseren’. ‘Op 19 juni, beschuldigde hij in een openbare toespraak “een kleine minderheid van de bevolking die andere vlaggen dragen ( dan de Algerijnse vlag) van het infiltreren van de protesten’.
Het dragen van Amazigh vlaggen en Amazig activisme is in Algerije sinds de jaren 80 een dagelijks fenomeen. Sommige activisten propageren de Amazigh cultuur, terwijl anderen een grotere politieke autonomie eisen voor die gebieden waar de Kabyles de meerderheid vormen en weer anderen pleiten voor onafhankelijkheid. Hoewel de eisen voor autonomie of onafhankelijkheid omstreden zijn, hebben de Algerijnse autoriteiten tot voor kort het dragen van de Amazigh vlag niet behandeld als een misdaad.
door Redactie | sep 13, 2019 |
Met enige regelmaat verschijnen berichten in de media dat er weer een Nederlandse voetballer met Marokkaanse roots voor Marokko heeft gekozen. Na Ziyech, Mezraoui, Idrissi en anderen verkiest hoogstwaarschijnlijk Ihattaren binnenkort de Atlas Leeuwen boven Oranje.
Dit is geen toeval uiteraard. Marokko hanteert een actief beleid om Marokkaans-Nederlandse voetballers te verleiden, dwingen en manipuleren. Soms gebeurt dat via de familie, scouts en andere voetballers. Een ding is wel duidelijk geworden: de Marokkaanse voetbalbond (onderdeel van de lange arm van Rabat) is zeer effectief bezig. Nederland staat al jaren op achterstand.
Het is ook onbegrijpelijk dat jongeren die hier geboren zijn en die hun succes te danken hebben aan Nederland, uiteindelijk voor Marokko kiezen. Terecht dat veel burgers deze vraag stellen!
Bovendien “kiest’ men voor een land, dat de eigen (groot)ouders moesten ontvluchten vanwege uitzichtloosheid en onderdrukking. De repressie vooral in de Rif is nog steeds aan de gang.
Veel factoren worden genoemd in de berichtgeving waarom Marokkaans-Nederlandse toptalenten voor Marokko zouden kiezen: trots, gevoel, uitsluiting, geld en carrière Misschien waar. Echter, er wordt te weinig aandacht besteed aan een beslissend aspect, namelijk de rol van de lobbymachine via de Marokkaanse voetbalbond en andere organen om loyaliteit af te dwingen. Marokko weet als geen ander de voorbeeldfunctie van invloedrijke personen te benutten.
Deze tactiek van ronselen en beïnvloeden is erg aanwezig in Europa en in het bijzonder in Nederland. Met allerlei middelen probeert Marokko de talenten hier vroegtijdig op te sporen, om voor Marokko uit te komen.
Met Ihattaren hebben we straks een nieuw voorbeeld van hoe Marokko te werk gaat. In sommige Marokkaanse media is daar ook over bericht. In dit artikel van Hespress twee weken geleden klapte een Marokkaanse official uit de school door te stellen dat een belangrijke persoon was ingeschakeld om op Ihattaren in te praten. Het betreft Nabil Taouizi, speler van Manchester City.
Na de publicatie in het NRC vandaag die licht werpt op de schimmige wereld van Marokkaanse beïnvloeding en manipulatie, is het hoogste tijd dat de Nederlandse politiek en de KNVB deze vorm van de bemoeienis van Marokko nader onderzoeken en actief tegen te gaan.
door Redactie | jul 14, 2019 |
Door : Ali Lahrouchi
Wat veel mensen zich in het Westen niet lijken te realiseren is dat Marokko beheerst wordt door een dictatoriaal regime. Het is een monarchie, maar een monarchie in Marokkaanse stijl. Koning Mohammed VI is een dictator. Hij gaat over alle strategische beslissingen van het land. Hij heeft de volledige macht over de politie, het leger, de gendarmerie, de douane, de justitie, de politiek; over alle instellingen en instanties. Wat hij beslist loopt soms via de zeef van de ‘Koninklijke arbitrage.’ Hij hoeft maar zijn wens uit te spreken en er wordt een dossier aangelegd (soms foutief) of een hervorming ingezet.
De ‘koning-dictator’ Mohammed VI benoemt en kabinetten en ontbindt ze weer. Hoe de Koninklijke arbitrage uitpakt, wordt in de praktijk bepaalt door de binnenste machtskring, een handjevol personen die de dienst uitmaken. Dit zijn de machtige mannen van het paleis, de naaste medewerkers en adviseurs van de dictator. Ze vormen een schaduwkaste. Naar buiten toe heet het dat zijn enkel ‘toezicht houden op de activiteiten van de overheid.’
Een minister in Marokko is niet meer dan een marionet. De Secretaris Generaal is op het ministerie degene met de echte macht. Zonder hem mag de minister geen enkele beslissing nemen. De Secretaris Generaal wordt door de dictator voor lange tijd benoemd. De minister zit er slechts voor kortere tijd. Als niet meer dan een marionet. De Secretaris Generaal kan zijn macht uitoefenen zonder dat hij gecontroleerd wordt door een parlement of een commissie. Er bestaat geen enkel orgaan dat externe controle over hem uitvoeren.
Het machtsnetwerk van de dictator bevindt zich voor een belangrijk deel onder de grond. De Marokkaanse geheime diensten sturen individuen, organisaties, verenigingen en Marokkaanse moskeeën in het buitenland aan. Ze gebruiken deze als spionnen om zoveel mogelijk algemene informatie te verzamelen over de landen waar zich veel Marokkaanse emigranten bevinden. Op zich ze niet meer dan kleine vissen. Maar er zijn ook grote vissen. Dat zijn de Marokkanen in het buitenland die hoge functies bekleden. Parlementsleden, politici, burgemeesters, of zelfs schrijvers. Ze vormen de ogen en de oren voor de Marokkaanse geheime diensten op hoge plekken in Europese landen. De dictator heeft een naam bedacht voor deze grote vissen. Ze heten de ‘adviseurs van de koning.’
Deze grote vissen zullen in de praktijk nooit de dictator ontmoet hebben om hem daadwerkelijk van advies te dienen. Dat doen alleen Marokkaanse consuls, ambassadeurs en geheime diensten. De grote vissen gaan met hun advieswerk ondergronds in allerlei schaduworganisaties, zoals de Marokkaanse Raad voor de Mensenrechten. Ze kunnen gezien hun gevoelige posities die de landen waarheen ze zijn gemigreerd, niet openlijk opereren als adviseurs van de koning.
De enige bekend officieel adviseurs van de dictator Mohammed VI zijn : 1 – Fouad Ali El Himma 2- Abdeltif Menouni 3-Taïeb Fassi-Fihri 4- Omar Azziman 5- Mohamed Mounir El Majidi 6-Yassir Zenagui 7- Mohamed Moâtassim 8-Omar Kabbaj 9- Abdeljaouad Belhaj 10- Mohamed El Alaoui en 11- hun baas Ondré Azoulay.
Op deze manier kan er natuurlijk in Marokko nooit echt sprake zijn van democratie, mensenrechten, vrijheid. Onder het regime van de dynastie van de Alaouiten is dat sowieso onmogelijk.
Ik vraag mij als Nederlands burger af: Wat is er toch aan de hand met Nederland? Waarom laat Nederland de Marokkanen die loyaal aan de dictator Mohamed VI zulke gevoelige functies te vervullen? Komt dit door naïviteit? Het is zeker een doorbraak voor de Marokkaanse geheimen diensten in Nederland.
De PvdA leed in Nederland een van de grootse nederlagen in de politieke geschiedenis van dit land. Bij de Kamerverkiezingen van 2017 haalden ze 9 zetels, dat was slechts 5,7 % in de Tweede Kamer. Bij de vorige verkiezingen haalden ze nog 38 zetels. Toch is de Kamervoorzitter juist van de PvdA. Ze zat in een werkgroep die de Marokkaanse Raad voor de Mensenrechten adviseert. Ze leverde dus adviezen aan de dictator van Marokko, Mohammed VI. Ook toen ze in de Nederlandse Kamer zat! Bij de PvdA vonden ze dat geen probleem. Wat is dit ? Een democratie? Of een smerig compromis?
Ali Lahrouchi
door Redactie | jun 28, 2019 |
Vijf Riffijns-Nederlandse organisaties hebben de Dienst Terugkeer en Vertrek en de IND met een brandbrief verzocht de uitzetting van Ridouan El Hamraoui te stoppen. Ook zijn politici in de Tweede Kamer die verantwoordelijk zijn voor Asielbeleid geïnformeerd.
Met deze brandbrief vragen wij uw aandacht voor de volgende situatie. Rif Alert, Comité Moulay Mohand, Stichting Izouran, Stichting Noemidia en Rifproject maken zich grote zorgen over de veiligheid van Ridouan El Hamraoui indien hij naar Marokko wordt uitgezet. De actie tot uitzetting volgt nadat de asielaanvraag van Ridouan is afgewezen. De organisaties zijn door zijn familie benaderd om alarm te slaan over de zaak.
Deze jonge Riffijnse activist -in de Rif en later in in Nederland actief is voor de Hirak- dreigt in de komende dagen uitgezet te worden naar Marokko. Sterker, een poging daartoe werd al ondernomen afgelopen maandag. Echter, door zich hevig te verzetten, werd de uitzetting van Ridouan gestaakt. Uiteindelijk werd hij weer teruggebracht naar een detentiecentrum in Rotterdam. Volgens een advocate die Ridouan bij zijn uitzetting bijstaat, is het het terugsturen naar Marokko een kwestie van enkele dagen.
Ridouan wacht geen warm welkom in Marokko volgens zijn familie. Het risico dat Ridouan opgepakt en veroordeeld wordt, wanneer hij wordt teruggestuurd, is heel groot. Want in de afgelopen weken is de Marokkaanse politie drie keer aan het huis van zijn ouders langs geweest. Ridouan is verzocht zich te melden bij de politie in Beni Bouayach. Nu zijn vluchtverhaal in sommige (sociale) media is verschenen, is deze vrees terecht aanwezig. De veroordeling van Hirak activisten past in het patroon van de repressie die de Marokkaanse autoriteten vanaf eind mei 2017 hanteren. Sindsdien zijn honderden demonstranten achter de tralies gezet.
Verder geeft zijn familie aan dat Ridouan in zijn asielprocedure geen adequate juridische bijstand heeft kunnen ontvangen. De toegewezen advocaat zou niet in staat zijn geweest Ridouan in zijn asielaanvraag deskundig bij te staan. Dit roept bij ons veel vragen op.
Gezien de geschetste risico’s en de vele vraagtekens roepen de ondertekende organisaties de Dienst Terugkeer en Vertrek en de IND en andere betrokken instanties op de uitzetting van Ridouan El Hamraui onmiddellijk te stoppen. Ook verzoeken wij de IND opnieuw te kijken naar de asielaanvraag van Ridouan. Dit gelet op het belang van zijn veiligheid en vrijheid.
Hopende u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd, tekenen wij.
Met vriendelijke groet,
Rif Alert
Comité Moulay Mohand
Rifproject
Stichting Izouran
Stichting Noemidia

door Redactie | jun 28, 2019 |
Mayssen A. Essaguiar
Eén van de belangrijkste redenen dat Afrika achterloopt is de taalkundige crisis die er heerst die zorgt voor een consistente culturele, civilizationele en poltieke zwakte, identiteitscrisis, patriotistische stagnatie en demoralisatie.
Volkeren die hun eigen talen niet meer kunnen spreken en geen standaard kunnen realiseren zullen ten alle tijden tegen de feiten aanlopen en zeer stroeve staatsappraten hebben. Taal is immers het medium voor macht en management en hoe beter een taal in elkaar zit hoe beter organisatie en machtswerking kan werken. Als het echter niet de taal van jouw voorouders is maar die van jouw kolonizator zal er iets consitent misgaan. Hoe langer politici het uitstellen hoe hardnekkiger de gevolgen ervan worden. Het uiteindelijke gevolg kan zelfs zo ver escaleren dat je ontheemde burgers zal hebben in hun eigen landen.
De eerste stap naar lange-termijn modernizatie in Afrika is taalkundige standardizatie. Voor veel Afrikaanse landen is het echter al game-over wat betreft de inheemse talen die in een dusdanige staat van ontbinding verkeren dat het redden van die dialecten bijna een hopeloze klus is. De politieke elite voelt er vaak ook niks voor want zonder de koloniale talen kunnen ze ook niet meer interessant blijven voor de neo-kolonialistische agenda’s van Europa.
Neem nou een land als Nigeria dat met haar meer dan 400 dialecten bijna een Napoleonistische uniformisering nodig zal hebben om er een gestandaardiseerde taal uit te smeden. Dit is overigens onwaarschijnlijk aangezien de politieke elite veel meer voelt voor de koloniale talen en hier diep mee identificeert. Je ziet overigens dat in Nigeria bijvoorbeeld het Pidgeon English een groot identiteitsprobleem veroorzaak. Stel je even voor dat Turken half verpauperd Engels spreken met wat Turkse woordjes ertussendoor die hun grammaticale consistentie allang verloren zijn, stel je ook even voor dat Chinezen of Russen ook een mengelmoesje spreken. Civilizationeel gezien is het een ramp. In Afrika is het een norm.
Wellicht Is Tamazight dan wellicht de eerste en enige taal die erin zal kunnen slagen om zich te manifesteren als een gemoderniseerde gestandaardizeerde taal. De meeste Amazighdialecten zijn nog vrij goed in tact gebleven. Met namen het Tamazight in de Sous, Rif, Kabyle en Chawi regio’s zouden met genoeg politieke wilskracht de bouwstenen kunnen zijn voor een nieuwe moderne Tamazight standaard.
Ik denk dat er niks anders op zit dan dat die dialecten elkaar zullen moeten verrijken en elkaars vocabulair moeten aanbieden aan het gehele Tamazightsprekende gedeelte van Noord-Afrika om een taal te kunnen realiseren die echt zijn wortels kan schieten en een meer dan 5 duizend jaar oude civilizatie levend kan houden. In spraak en schrift. Nederland kon ook niet eindeloos al haar taalkundige diversiteit blijven doordragen. Uiteindelijk moest het de ABN knoop doorhakken en bezaten alleen de Friezen nog enige wilskracht om die taalkundige Verhollandisering enizins tegen te gaan en de lange termijn dood van het Fries te vertragen dan wel te voorkomen.
P.S. Deze kaart is niet helemaal kloppend. In aanzienlijke gedeeltes van Noord-Afrika beheerst men veel beter Tamazight dialecten dan Arabisch. Ook in bepaalde gebieden worden nog pre-kolonialistische West-, Centraal en Zuid- Afrikaanse dialecten gesproken al verkeren ze veelal in een zeer kritische toestand en lopen een hoog risico op uisterving en volledige vervanging door Europese talen. Het diende vooral even ter illustratie van de taalkundige kolonisatie van Afrika.