door Redactie | mrt 14, 2018 |
Dagenlang circuleert er op social media het bericht dat Mohammed VI tijdens een hartoperatie zou zijn overleden. Het bericht is afkomstige van de inlichtingendiensten en heeft als doel Mohammed VI onder aandacht te houden en aan sympathie te winnen. Vooral nu er steeds meer kritiek op hem gericht als het staatshoofd zijnde en de grote tegenslagen die het Marokkaanse regime in Europa krijgt zoals demonstraties tegen grove schendingen van de mensenrechten in Marokko en de rechtelijke uitspraak waarin Marokko verbiedt om visserij contracten in de wateren van de westelijke Sahara af te sluiten.
In het land is de situatie niet veel beter. Veiligheidsadviseurs van de koning veronderstelden dat de protesten in de Rif de kop zijn ingedrukt maar tijdens de Internationale Vrouwendag op 8 maart 2018 kwamen veel vrouwen in Al-Hoceima bij elkaar om te protesteren. Voordat de demonstratie begon, greep het regime hard en gewelddadig in.
In de steenkoolmijnen stad Jreda demonstreren steeds duizenden mensen per dag. Ze eisen concrete acties van de overheid om hun sociale economische problemen op te lossen en niet met losse beloftes te komen. Als antwoord hierop heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken de protesten verboden.
In Europa wordt ook gedemonstreerd tegen de Marokkaanse ministers die naar het Europees continent op de kosten van volk afreizen om het beeld van het regime op te poetsen. In de afgelopen dagen werd o.a. in Duitsland bij een hotel waar een Marokkaanse minister een bijeenkomst hield, gedemonstreerd. Marokko probeerde via een advocaat deze demonstratie te verbieden door aan de Duitse autoriteiten te vertellen dat de demonstranten banden hebben met terrorisme. In Marokko vertellen ze dat de demonstranten ongelovigen zijn. Dit allemaal past perfect in de zogenaamde Marokkaanse uitzonderingen.
Door: Adra Ghedu
door Redactie | mrt 8, 2018 |
Noureddine Adherbal
De 20e eeuw werd gedomineerd door oorlogen en veldslagen die de machtsverhoudingen over de hele wereld vaak veranderden, waaronder oorlogen die werden gevoerd door het Imazighen tegen het Spaanse en Franse kolonialisme in Marokko, veldslagen die duizenden levens hebben geëist in de regio’s van de Rif, Souss en de Atlas.

De volgende lijst is gebaseerd op de maximale sterfgevallen in een oorlog. Dit zijn de bloedigste oorlogen in de Amazigh-geschiedenis
Slag bij El Herri
De Slag bij El Herri (ook bekend als Elhri) werd gevochten tussen Frankrijk en de Amazigh Zaian Confederatie op 13 november 1914. Het vond plaats in de kleine nederzetting van El Herri, in de buurt van Khenifra. De strijd was onderdeel van de Zaian-oorlog, waarin de confederatie van stammen trachtte zich te verzetten tegen de voortdurende Franse expansie naar het binnenland van Marokko. De Franse verliezen waren aanzienlijk: ongeveer 623 Noord-Afrikaanse, Senegalese en Franse soldaten (waaronder kolonel René Laverdure) werden gedood en 176 gewond. Het Zaian-volk verloor ongeveer 182 doden.

Slag bij Annual
De Slag bij Annual was een gevecht tussen het Spaanse leger en strijders van de Rif onder leiding van Abdelkrim ElKhattabi. Het was een grote militaire nederlaag, geleden door het Spaanse leger op 22 juli 1921 bij Annoual in het noordoosten van Marokko tijdens de Rif-oorlog. Ongeveer 12.000 soldaten en officieren werden gedood waaronder Generaal Silvestre. De nederlaag, bijna altijd aangeduid door de Spanjaarden als de Ramp van Annoual, leidde tot een grote politieke crisis in Spanje en een herdefinitie van de Spaanse koloniale politiek ten opzichte van de Rif.

Slag bij Bougafer
De slag bij Bougafer of Slag bij Saghro vond plaats op 13 februari 1933 op de berg Saghro in de Hoge Atlas waar de Franse koloniale strijdkrachten vochten tegen de strijders van de Aït Atta-stammen onder leiding van Assou Obasslam.
Slag bij Ait Abdellah
Deze werd gevochten door het Amazigh-verzet in de regio Tafraout bij Taroudant in 1934, geleid door Abdullah Zakur en zijn strijders. De Franse kolonialisten gebruikte 18 oorlogsvliegtuigen en zeer dodelijke wapens om het verzet van de dappere strijders te bombarderen en ze te onderwerpen.

Slag bij Isly
De slag bij Isly werd op 14 augustus 1844 uitgevochten bij de rivier Isly tussen de Franse kolonialen en de Ait Yaznassen stammen in het noordoosten van Marokko. De strijd begon na de aanval door het Franse leger onder leiding van maarschalk Thomas Robert Peugeot.
door Redactie | mrt 1, 2018 |
Noureddine Adherbal
Sinds het begin van de processen tegen de gedetineerde activisten van de Riffijnse Volksbeweging is vandaag voor het eerst gebruik gemaakt van een tolk(IRCAM), die het Arabisch vertaald naar het Riffijns.
Rachid Aamarouch is de eerste activist die hier gebruik van maakt. Tijdens de gerechtszitting waar ook Nasser Zafzafi aanwezig was heeft de tolk moeilijkheden gehad om bepaalde woorden te vertalen naar het Riffijns omdat volgens hem “ de woorden niet bestaan in het Riffijns”. Rechter Ali Tarshi droeg hem op om het zodanig te omschrijven dat Rachid Aamarouch zou begrijpen waarover het ging.
In tegenstelling tot de andere beklaagden presenteerde de rechtbank geen video’s of foto’s waarin Aamarouch voorkomt.
De gedetineerde Rachid Aamarouch, ontkende alle beschuldigingen die aan hem waren toegeschreven en ook alle verklaringen die hem werden ontnomen in de bureaus van de gerechtelijke politie…
”de verklaringen die ik heb afgelegd zijn verkregen onder dwang! Ik ben mishandeld geweest en gedwongen om deze verklaringen te ondertekenen. Ze hebben mijn vinger gebroken zodat ik deze zou tekenen.” aldus Rachid Aamarouch
door Redactie | mrt 1, 2018 |
Asis Aynan
De laatste ochtend van februari. Ik stapte vanaf Rotterdam Centraal op de bus naar Brussel om aandacht te vragen voor de politieke en sociale misère in de Rif. De bus was beschikbaar gesteld door Europarlementariër Kati Piri, de sociaaldemocraat die naam maakte als rapporteur voor Turkije en sinds een jaar heeft de opstand in de Rif haar interesse. Het busstation baadde op de koude ochtend in het kristalheldere zonlicht. De gecharterde bus was een dubbeldekker, waar een grote stikker van het bedrijf Sunweb op was geplakt.
In de bus met twee verdiepingen kreeg ik van een stagiair Europese studies een flesje water en twee broodjes in een papieren zakje. Met mijn buurman ruilde ik een pistolet kaas voor een met brie. Op allebei zat raketsla.
In de Europese hoofdstad wandelde ik vanaf het parlement naar het Troonplein, het verzamelpunt van de protestmars naar het Europees Parlement. Op het Troonplein staat een immens bronzen beeld van Leopold II op een paard, dat tien jaar geleden met rode verf werd beklad, omdat Leopold II in zijn privéproject Congo zich als een bloeddorstige koning gedroeg.
Ik dacht aan de koningen van Marokko.
Het plein stroomde voller en voller. Toen ik net op kamers ging, had ik plezier in het schatten van mijn kooksel. Hoe duur zou deze chili con carne zijn in een restaurant? Nu schatte ik het aantal demonstranten. Onbetaalbaar.
De mars bewoog zich langzaam door de scherpe wind naar het parlement, waar Kati Piri een informatiebijeenkomst over de Rif organiseerde. Ze was duidelijk onder de indruk van de massale opkomst. De zaal had plaats voor vierhonderd zielen, het overgrote deel demonstreerde buiten verder in de Brusselse straten.
In diezelfde Brusselse straten dook de Frans-Belgisch-Marokkaanse terrorist Salah Abdeslam onder, hij wist met medeweten van veel Brusselaren 126 dagen na de Parijse aanslagen uit handen van de autoriteiten te blijven. De schuilplek van de aanvoerder van het Rifprotest Nasser Zafzafi werd na twee dagen verklikt. Ik hoop dat een onderzoeksjournalist ooit een reconstructie maakt van die achtenveertig uur om het verraad te omsluiten.
In het parlement kreeg de vader van Nasser Zafzafi het woord, maar hij moest eerst de staande ovatie voorrang geven. Ik had die dag meerdere malen kippenvel gehad, door de kou, daar in die zaal was het de trots voor al die maanden van vredig protest, inzet, en de autonome ziel die letterlijk en figuurlijk was opgestaan.
De volgende ochtend las ik in Nrc Next het verslag van Stéphane Alonso. “In de betoging lopen ook tientallen Riffijnen mee die in het Europarlement werken als schoonmaker of keukenhulp.” De zin trof mij omdat prachtige wijze het protest werd gevat: een Europese beweging die in alle sociale lagen haar weerklank vindt.
Ik stopte met lezen en liet los. Het waren tranen van diepe ontroering.
door Redactie | feb 24, 2018 |
Op 20 februari 2011 gingen in Marokko enkele duizenden demonstranten de straat op om te protesteren. Dit was enkele weken nadat in Tunesië en Egypte ware revoluties hadden plaatsgevonden. De protestbeweging in Marokko werd de ’20-Februari Beweging’ genoemd en deze wil nu, zeven jaar later, weer actief worden. Maar in feite is in Marokko al een protestbeweging op gang gekomen toen in El Hoceima in oktober 2016 de protesten begonnen na de tragische dood van visverkoper Mohsin Fikri. De beweging kon anderhalf jaar lang regelmatig protestbijeenkomsten organiseren tot in mei 2017 de overheid besloot paal en perk te stellen aan deze demonstraties. Enkele honderden leiders en demonstranten zijn toen gearresteerd en velen zitten nog steeds vast, veroordeeld of in afwachting van een proces.
Het proces tegen de leiders van de protestbeweging (de Hirak) in de Rif (Al Hoceima en omstreken) is een aantal weken geleden op stoom gekomen. In de rechtbank van Casablanca staan ruim vijftig verdachten terecht. Dat varieert van de onbetwiste leider van de beweging, Naser Zafzafi, tot mensen die toevallig in zijn buurt waren toen hij werd gearresteerd.
Chaotisch proces
Verder is er een verdachte aan de zaak toegevoegd die eigenlijk een andere rol heeft. Hamid El Mahdaoui beschouwt zichzelf als journalist. Hij was directeur van een nieuwssite (Al Badil) tot hij werd gearresteerd. De beschuldiging tegen hem is het in gevaar brengen van de staatsveiligheid, een zeer zware aanklacht. Een straf van een jaar voor het aanzetten tot criminele daden (nl. het aansporen om aan demonstraties deel te nemen) heeft hij al aan zijn broek.
In die zware aanklacht speelt een Marokkaanse Nederlander een rol. Hij zou in telefoongesprekken met Mahdaoui hebben gezegd dat hij voor wapens kan zorgen om de beweging te helpen. Volgens Mahdaoui is deze man ‘knettergek’ maar de overheid verwijt Mahdaoui dat hij de politie hier niet over heeft ingelicht. En daarmee heeft hij dus de staatsveiligheid in gevaar gebracht.
Het proces verloopt uiterst chaotisch, alleen al door het grote aantal verdachten. Van al die verdachten zijn er inmiddels enkele door de rechtbank verhoord, en daar wordt ruim de tijd voor genomen. Maar de verdachten zijn allemaal solidair en als ze ergens ontevreden over zijn laten ze zich en masse uit de rechtbank verwijderen. Dat gebeurde deze week o.a. toen Naser Zafzafi klaagde dat zijn aantekenboekje in de gevangenis in beslag genomen was. Het lijkt triviaal maar als de belangrijkste verdachte, wiens zaak pas aan het eind zal worden behandeld, geen aantekeningen mag maken over het proces in die voorgaande maanden, kun je nauwelijks spreken van een fatsoenlijke rechtsgang. Het is onduidelijk hoe lang het proces nog zal duren. De zwaarte van de aanklachten varieert maar in theorie zouden sommige verdachten zelfs de doodstraf kunnen krijgen, hoewel die al sinds begin jaren 90 in Marokko niet meer wordt voltrokken.
In een apart proces is ook een van de advocaten uit het Hirak-proces zelf veroordeeld tot 20 maanden cel vanwege zijn steun aan de protesten.

Hamid el Mahdaoui
YouTube
Rust in de Rif, onrust elders in Marokko
In de Rif is het al een tijd rustig. Maar wat wil je, als 400 activisten zijn gearresteerd en vele maanden worden vastgezet of al zijn veroordeeld tot fikse gevangenisstraffen.
Maar in andere delen van Marokko is het de laatste tijd wel onrustig. In het oosten van Marokko ligt de plaats Jerada, waar kolenmijnen waren die door de grote exploitanten zijn gesloten. Het is een van de vele marginale gebieden in Marokko, met heel weinig bronnen van inkomsten. Ik schreef eerder al over het ‘nuttige Marokko’ en het ‘niet nuttige Marokko’. Jerada valt duidelijk in het niet nuttige deel, zeker nadat die mijnen zijn gesloten. Er is dus weinig werkgelegenheid. Er zijn nog wel veel werkloze mannen die zelf kleinschalig de oude mijnschachten in gaan om kleine hoeveelheden steenkool te delven. Dat is een uiterst onveilige situatie en in december kwamen twee jongemannen om toen een gang instortte. Dat was voor de inwoners van het gebied de aanleiding om te protesteren.
Hun redenering: Er zijn hier totaal geen voorzieningen of bestaansmogelijkheden, jongemannen moeten hun leven riskeren in die gevaarlijke mijnen en dat moet veranderen. Dat kan echter alleen veranderen als de rijksoverheid grootschalig investeert in het gebied. Dat wordt nu geëist en er zijn ministers vanuit Rabat naar Jerada gekomen om met de bevolking te praten. Eerder deze week werd een pakket maatregelen bekend dat Jerada zou moeten opstuwen. Maar als je leest wat dat pakket behelst, dan denk je misschien: dat zijn toch basisvoorzieningen, waren die er dan nog niet? Nee dus.
Op het platteland van Marokko in de dorpen en kleine stadjes zijn bedroevend weinig voorzieningen, behalve het absoluut noodzakelijke: winkeltjes voor de eerste levensbehoeften, allerlei ambachtslieden die dingen fabriceren of repareren. Maar culturele voorzieningen, onderwijsinstellingen of andere collectieve zaken zijn er gewoon niet. Leven in zulke gebieden is vooral overleven zonder erg veel luxe of ontspanning. In Jerada zijn de meningen nog verdeeld over het toegezegde pakket.
Protesten
De protesten in Jerada duren nu al een maand of twee en in het begin werd heel expliciet afstand genomen van de Hirak in de Rif door te benadrukken dat men geen separatistische sympathieën had. Er werden vlaggen van Marokko en portretten van de koning meegedragen in de demonstraties. Ook de overheid reageerde anders op de protesten door niet onmiddellijk een overmacht aan politie en ME in te zetten, zoals in de Rif wel gedaan werd. Maar de laatste paar weken zie ik toch een verharding in de opstelling van de demonstranten in Jerada. Er worden leuzen geroepen of geschreven die lijken op die in de Rif, zoals de leus: “Liever dood dan vernederd worden”.
Op verschillende andere plekken in Marokko vonden de afgelopen weken protesten plaats tegen ontbrekende of niet functionerende medische voorzieningen. De protesten waren kleinschalig en zeer lokaal maar er is door de overheid wel gereageerd door functionarissen te ontslaan of juist artsen naar bepaalde centra te sturen. In Zagora in het zuiden van Marokko is in de zomer van 2017 al geprotesteerd tegen de droogte, omdat stroomopwaarts in de rivier de Drâa de stuwdam al het water tegenhoudt. Daar zijn ook al fikse straffen uitgesproken tegen bewoners die protesteerden.
Regelmatig duiken bij de protesten ook geluiden op dat de mensen de rekening van elektriciteit en drinkwater nauwelijks kunnen betalen. Dat heeft o.a. te maken met privatisering in de steden, waar commerciële bedrijven de tarieven opstuwen.
De winter is koud dit jaar, in de Hoge Atlas is een gigantisch pak sneeuw gevallen waardoor dorpen volkomen geïsoleerd zijn geraakt. Scholen zijn al weken gesloten, medische voorzieningen zijn onbereikbaar en de weekmarkten voor de noodzakelijke inkopen kunnen niet gehouden worden of zijn onbereikbaar. Dit heeft alles te maken met het ontbreken van goede (geasfalteerde) wegen of voorzieningen om die wegen sneeuwvrij te maken. Ook in dit gebied zijn mensen de straat op gegaan om te protesteren tegen de slechte infrastructuur. Ik verbaas me er overigens over hoe zowel de overheid als de bewoners zich elk jaar weer laten verrassen door de winter. In de Hoge Atlas wonen al duizenden jaren mensen en er zijn daar dorpen die op 2000 meter hoogte liggen. Daar sneeuwt het elke winter, het is alleen deze winter significant meer. Maar de overheid had al jaren geleden kunnen beginnen deze gebieden beter te ontsluiten. Maar de staat stelt andere prioriteiten zoals een hogesnelheidstrein van Tanger naar Casablanca. Het schijnt niet zo heel lang meer te duren voor die echt gaat rijden, ongetwijfeld tegen een tarief dat de gewone man niet kan betalen.

Al in 2011 protesteerden jongeren voor politieke veranderingen.
Mensenrechten
Deze week riepen 26 mensenrechtenorganisaties in een gezamenlijke verklaring op tot vrijlating van alle gevangenen van de Rif-beweging. En er zijn plannen om de 20 Februaribeweging, die stamt uit 2011 toen de Arabische lente ook Marokko bereikte, nieuw leven in te blazen. In een verklaring worden alle hierboven reeds genoemde grieven opgesomd: materiële zaken, beperking van vrijheden en een genadeloze op geweld gebaseerde aanpak door de overheid met veel politie en veiligheidstroepen, ook bij geweldloze demonstraties. Eigenlijk zijn vrijwel alle hierboven genoemde demonstraties geweldloos geweest.
Op 18 februari heeft een NGO genaamd ‘Verdediging van het publieke geld’ in Rabat gedemonstreerd tegen corruptie en straffeloosheid bij economische delicten als fraude met overheidsgelden.
Afgelopen week kwam een groep ‘intellectuelen’ met een verklaring waarin ze de overheid oproepen op een meer constructieve manier te reageren op alle protesten en eisen, want reageren met politie en veiligheidsdiensten leidt alleen maar tot meer politieke spanning. En ze riepen de overheid op eens te stoppen met het elke demonstrant te beschuldigen van het zaaien van verdeeldheid waarmee ze de nationale eenheid en de politieke stabiliteit in gevaar zouden brengen, en van het dienen van buitenlandse agenda’s (waarmee meestal buurland Algerije bedoeld wordt).
Opmaat naar een landelijke beweging?
Het beeld van Marokko in het buitenland
Deze ontwikkelingen van minder vrijheid en meer repressie hebben ertoe geleid dat Marokko internationaal slechter wordt beoordeeld door internationale NGO’s als Transparency International en recentelijk nog in het ‘World Justice Report’, waarin Marokko nu in twee achtereenvolgende jaren 6 punten is gezakt van plek 55 naar 67. De Marokkaanse regering heeft gereageerd dat deze organisaties bevooroordeeld naar Marokko kijken, en heeft zelfs een commissie ingesteld die dit soort rapportages moet gaan monitoren.
De rol van Koning Mohammed VI
In een toespraak in het najaar van 2017 heeft de koning gezegd dat hij tot de conclusie was gekomen dat het ‘ontwikkelingsmodel van Marokko’ heeft gefaald, en dat er dus een nieuw ontwikkelingsmodel moet komen. Het is aan de politiek dat te bedenken. Sindsdien heeft iedereen de mond vol van een nieuw ontwikkelingsmodel, maar dat is niet iets wat je zomaar even bedenkt en gaat uitvoeren. Een ontwikkelingsmodel bedenk je vanuit een bepaalde visie of zelfs een ideaal. Ga daar maar eens aan staan met zes partijen die allemaal iets anders vinden. Maar uitgewerkte maatschappijvisies zul je bij de meeste Marokkaanse politieke partijen überhaupt niet aantreffen. Ik ben dus heel benieuwd wat we op dat punt zullen gaan zien in de nabije toekomst.
Verder is de koning rond de jaarwisseling vrij lang in zijn kasteel in Frankrijk geweest. Zo lang zelfs, dat er kritische geluiden begonnen te klinken over zijn lange afwezigheid.
Interne strubbelingen
De Marokkaanse regering is over allerlei zaken zeer verdeeld. Het duurde maanden voordat drie door de koning ontslagen ministers vervangen waren en de zes(!) coalitiepartijen liggen voortdurend met elkaar overhoop. Vorige week was er zelfs sprake van een boycot van een vergadering van de ministerraad door twee van de coalitiepartijen. Oud-premier Benkirane, die er begin 2017 niet in slaagde een regering te vormen en toen door de koning aan de kant werd geschoven ten gunste van zijn partijgenoot El Othmani, deed twee weken geleden gepeperde uitspraken tijdens een congres van de jongeren van zijn partij, die ook weer reacties van meerdere coalitiepartners uitlokten die aantoonden dat de eenheid binnen de regering ver te zoeken is.
Dat is zeer schadelijk voor heel Marokko want het land kampt met grote problemen, waarvan de brede protestbeweging er maar één is. De werkloosheid loopt op, de subsidies op eerste levensbehoeften zijn nauwelijks nog betaalbaar en men wil binnenkort de koers van de Marokkaanse Dirham vrijgeven. Verder dreigt er weer een probleem met de Europese Unie rond verlenging van het visserijakkoord tussen Marokko en de EU, waarin de kwestie van de Westelijke Sahara (door Marokko de zuidelijke provincies genoemd) een splijtzwam blijft vormen.
Dit zijn zo een paar problemen waar een daadkrachtige regering besluiten zal moeten nemen. Het is zeer de vraag of deze regering daartoe in staat zal zijn. Maar bovenal is de vraag hoe deze regering met de (naar het lijkt) groeiende protesten zal blijven omgaan en of de protestbeweging verder zal uitgroeien tot een landelijke beweging.

Jan Hoogland
Arabist
Jan Hoogland is Arabist, Marokko deskundige en universitair docent aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Tussen 2009 en 2015 was hij …
nieuwwij.nl
door Redactie | feb 19, 2018 |
De politieke participatie van vrouwen in de Arabische regio’ is een eenzijdige en uitsluitende titel van het evenement dat plaats zal vinden in Den Haag.
Een Haagse mensenrechten organisatie genaamd Arabisch Nederlandse Vrouwen Kring Organization, organiseert op 10 maart 2018, in het kader van de Internationale Vrouwendag een bijeenkomst. Tussen de vrouwelijke sprekers valt een mannelijke gastspreker op, Abdelwahab Balouki, de ambassadeur van Marokko in Nederland.
De mening van de heer Balouki met betrekking tot vrouwenrechten is niet relevant aangezien hij de vertegenwoordiger is van Mohamed VI in Nederland. Wat zeer belangrijk is, is hoe het gesteld is met de rechten van de mens in Marokko, in het bijzonder de vrouwenrechten aangezien dit evenement in het teken staat van de viering van de Internationale Vrouwendag.
Deze ambassadeur komt oorspronkelijk uit de regio Al Hoceima en spreekt vloeiend de taal van dit gebied (Tarifi). Recentelijk werd in Marokko een van de vrouwelijke activisten van de Rif-protestbeweging, Nawal Ben Aissa, tot een voorwaardelijke celstraf van 10 maanden veroordeeld. De schuld van deze moeder van vier kinderen is dat zij net als veel Riffijnse vrouwen de straat op ging om basisrechten te eisen van de staat aan wie zij belasting betaalt.
Een andere voorbeeld van vrouwonvriendelijk Marokko is de ontvoering van de jonge zangeres Silya Ziani vorig jaar door Marokkaanse agenten in burger. Zij werd door de Marokkaanse politie psychologisch mishandeld en werd zelfs met verkrachting bedreigd. Als gevolg hiervan kreeg zij een zenuwinzinking in de Marokkaanse Abou Ghraib oftewel Oukacha-gevangenis in Casablanca.
Zij werd onder het mom van gratie van Mohamed VI uit het detentiecentrum vrijgelaten, uit angst dat zij in de gevangenis sterft, ook omdat zij populair is in de Rif en daarbuiten. Bij alle demonstraties werd haar vrijlating geëist. Merkwaardig en onduidelijk is hoe het kan dat Mohamed VI, het staatshoofd die door de heer Balouki wordt vertegenwoordigd in Nederland een gewetensgevangene tijdens het voorarrest gratie kan verlenen, want Sylia werd noch veroordeelt noch schuldig bevonden aan iets strafbaars.
Terwijl de wereld de Internationale Vrouwendag viert, lijden de Riffijnse moeders, zusters, echtgenoten etc. van meer dan duizend gewetensgevangenen die verspreid zijn over veel gevangenissen in heel Marokko. Het Marokkaanse regime heeft deze gevangenen bewust overgeplaatst naar detentiecentra die ver weg liggen van hun families om ze mentaal te breken.
Bijna alle gewetensgevangenen van de Rif-Volksbeweging komen uit straatarme gezinnen, hun families kunnen bijvoorbeeld niet op bezoek gaan naar de gevangenis in Casablanca. De goedkoopste reismogelijkheid voor het traject Al Hoceima-Casablanca is met de bus van de maatschappij CTM. Een retourtje kost 400 Dirham (ongeveer 40 euro) en de heen- en terugreis duurt ongeveer 24 uur. Dat is slopend, vooral voor oudere en zieke vrouwen.
Een Marokkaanse mensenrechten organisatie heeft wel bussen beschikbaar gesteld voor de families van de gewetensgevangenen maar dat wordt door het regime gebruikt om bijvoorbeeld ruzies te creëren tussen de families door aan hun eerst te vertellen dat er genoeg plek is voor iedereen en op de dag zelf worden dan minder bussen ingezet en verteld dat er meer mensen zijn dan eerder is doorgeven.
Er zijn ook vrouwen die ziek zijn geworden door de manier hoe bij hun thuis werd ingevallen en hoe hun kinderen werden behandeld. Als voorbeeld de moeder van de woordvoerder van de Rif Protestbeweging Nasser Zafzafi, bij haar is kanker vastgesteld. Veel andere vrouwen lijden in stilte omdat ze niet bekend zijn, of ze mijden de publiciteit uit angst voor represailles van het regime.
Familie Attabi mocht niet in het openbaar spreken over de dood van hun kind die op 20 juni 2017 werd geraakt door een metalen object tegen zijn hoofd en stierf. Een getuige van deze gebeurtenis kreeg 12 jaar celstraf.
Zal de Marokkaanse ambassadeur op de bijeenkomst al deze misdaden ontkennen, negeren of misschien zelfs goedpraten?
Door: Adra Ghedu