België wil imams in Algerije en Marokko laten opleiden

Minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders heeft bij zijn bezoek aan Algerije geopperd dat Belgische imams in Marokko en Algerije opgeleid zouden kunnen worden. Dat deed hij na een ontmoeting met de Algerijnse minister van Religieuze Zaken, Mohamed Aïssa. Reynders zal het idee voorleggen aan de Moslimexecutieve.

Directe inmenging van de Marokkaanse of Algerijnse autoriteiten bij het beleid van de islamitische erediensten in België is ondenkbaar, benadrukt Reynders. De minister oppert wel dat Marokko en Algerije, zoals Diyanet dat doet bij de Turkse gemeenschap, meer invloed zou kunnen uitoefenen op de Belgische moslims, en dan meer bepaald moslims van Marokkaanse en Algerijnse origine, in samenwerking met de Belgische instanties.

Aanpak van radicalisering en terrorisme
“We willen de financiering van de islamitische erediensten vanuit de Golfstaten afsnijden. Maar door wat moeten we die vervangen? Marokko en Algerije lijken een vorm van islam uit te dragen die meer verenigbaar is met onze waarden. Het is daarom niet ondenkbaar dat die twee landen bijvoorbeeld kunnen deelnemen aan de vorming van onze imams”, aldus de minister. Volgens hem kan België ook leren van de manier waarop Algerije radicalisering en terrorisme aanpakt.
De Algerijnse religieminister gaf te kennen dat zijn land bereid is om onze imams te ontvangen. In ons land zal het idee nu worden voorgelegd aan de Moslimexecutieve.

Gezondheidsproblemen
Reynders eindigde gisterenavond zijn tweedaagse missie in de hoofdstad Algiers met een ontmoeting met de Algerijnse president, Abdelaziz Bouteflika. Het was lange tijd niet duidelijk of het onderhoud zou kunnen plaatsvinden, aangezien de president kampt met gezondheidsproblemen na een beroerte en nog zelden publieke optredens maakt. Er werd onder meer afgesproken om de contacten tussen de veiligheids- en inlichtingendiensten tussen beide landen te versterken.

Amazighorganisaties eisen vrijlating van de Riffijnse politieke gevangenen

Verschillende Amazighorganisaties in Tiznit (Zuid-Marokko) zijn met een verklaring naar buiten gekomen waarin ze van de Marokkaanse staat de vrijlating van de Riffijnse politieke gevangenen eisen,om aan de sociale eisen tegemoet te komen, en tegelijk veroordelen ze het repressieve beleid en de gerechtelijke vervolgingen door de staat en de regering .

De Amazighorganisaties hekelden ook in deze verklaring (na de vergadering van 30/01/2018) het marginaliseringsbeleid, de uitsluiting en de achterstelling van vele gebieden in Marokko en de sociale spanningen als gevolg van het beleid van de Marokkaanse staat.

De ondergetekende organisaties verklaren zich onvoorwaardelijk solidair met de inwoners van deze gebieden waarin de sociale protesten heersen zoals de Rif, Imider, Zagora, Jerrada, Essaouira,

Noureddine Adherbal

Hele delegatie wacht uren lang M6 komt niet

Een delegatie die zaterdag op de luchthaven van Agadir op Mohammed VI wachtte voor de lancering van het regionaal industrieel ontwikkelingsplan, is na uren wachten naar Casablanca teruggekeerd. Koning Mohammed VI kwam nooit opdagen.

De delegatie van ministers, regionale presidenten, zakenmensen en journalisten reisde zaterdagochtend naar Agadir voor de ceremonie die dezelfde dag gepland was.

Tijdens de ceremonie moesten verschillende investeringsovereenkomsten in de auto-, luchtvaart- en offshoringsectoren worden ondertekend, dit alles in aanwezigheid van de Mohammed VI.

Na lang wachten kregen de verantwoordelijken, waaronder de minister van Industrie en Handel Hafid Elalamy en de staatssecretaris voor Investeringen, Othman El Ferdaous, te horen dat de ceremonie tot zondag was uitgesteld.

Vanwege een tekort aan plaatsen in hotels werd de hele delegatie met een vliegtuig naar Casablanca teruggebracht om deze ochtend terug naar Agadir te keren.

Binnenlandse Zaken ontkent het verbod op de Amazigh naam ‘Amnay’

Er bestond onduidelijkheid over het verbod van de naam, maar het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft dit nu opgehelderd.

Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft in een bericht te kennen gegeven dat het niet verboden is om de naam Amnay te gebruiken. Dit naar aanleiding van mediaberichten dat een familie in het district Sidi Moumen, Casablanca, verboden werd de naam van een pasgeborene te registreren.

Het ministerie van Binnenlandse Zaken beweert geen officieel verzoek hieromtrent te hebben ontvangen en dat het niet nodig is om de registratie van een naam van Amazigh-afkomst te verbieden, geeft het medium Bladi.net te kennen.

Op 9 januari ging een burger naar het kadaster in Sidi Moumen om te informeren naar de mogelijkheid om een pasgeborene met de naam “Amnay”  te registreren. De ter plaatse aanwezige medewerker diende een verzoek om advies in bij de daartoe bevoegde instanties.

De persoon in kwestie “keerde niet terug naar het kadaster om de administratieve stappen met de nodige documenten te ondernemen” en de voornaam Amnay ontving een positieve reactie omdat het “de wettelijke bepalingen niet schendt”, aldus de verklaring van het ministerie.

Ahmed Dgherni, een schrijver, advocaat en een Amazigh-activist bekend om zijn verdediging van de Amazigh-zaak in Noord-Afrika. Hij was mede-oprichter van het Amazigh World Congres en richtte de eerste Amazigh politieke partij op in Marokko. In dit interview onthult de activist de redenen voor de ontbinding van zijn partij door het Marokkaanse ministerie van Binnenlandse Zaken, en de doodsbedreigingen die hij ontvangen heeft vanwege zijn overtuigingen.

Nadat het Marokkaanse ministerie van Binnenlandse Zaken de Amazigh-partij die u had opgericht heeft ontbonden, heeft u dan niet opnieuw een poging gedaan om politiek te bedrijven?

Ten eerste, het Marokkaanse Ministerie van Binnenlandse Zaken de deur gesloten voor de Imazighen om aan politiek te doen door de partij te ontbinden en zo hun grondwettelijk recht ontnomen.Ja, ik zal politiek actief blijven maar niet door een andere partij te stichten, maar door de strijd om de Imazighen politieke rechten te verwerven en de strijd op het recht op politieke vertegenwoordiging.

Wat eisen de Imazighen van vandaag?
Imazighen hebben verschillende eisen afhankelijk van het land, elk met zijn eigen specificiteit en eisen. De Imazighen van Algerije hebben andere problemen dan Imazighen van Marokko en dat geldt ook voor de Imazighen van Libië, Tunesië en Mauritanië, maar in het algemeen zijn het in de eerste plaats democratische eisen die vragen om het recht op politieke participatie, het gebruik van de Amazigh-taal in de rechtbanken en instellingen, de media en het onderwijs, evenals eisen op wetgevingsniveau.

Hoe beoordeelt u de status van het Tamazight in Marokko?
Het Tamazight is spreekwoordelijk bevroren, omdat alle programma’s die verwacht werden en in de realiteit zouden toegepast worden zijn uitgebleven, zoals de regelgevende wetten met betrekking tot de Amazigh-taal. Er is een belangrijke ontwikkeling in de Marokkaanse media en grote inspanningen op de officiële kanalen, maar over het algemeen is er een verlamming in alles wat met onderwijs en cultuur te maken heeft. Het Tamazight heeft geen vooruitgang geboekt vanwege constitutionele en wettelijke obstakels.

Meer dan 8 jaar zijn verstreken sinds de erkenning van de Amazigh-taal in Marokko, maar de regelgevingswet van deze taal is nog niet in voege . Waarom deze vertraging?

Ik zie het niet als een regelgevende wet, maar eerder als een wet van obstakels .De bedoeling was om de Amazigh-taal te blokkeren.Deze wetten bleven enkel geschreven letter.Tegenwoordig is de Amazigh-taal alleen in sommige administratieve documenten te vinden.

Ze beschuldigen je van extremisme en intolerantie in je verdediging van sommige Amazigh-ideeën. Is dit waar?
Er bestaat geen bewijs voor Het extremisme waar deze mensen over praten, extremisme is een soort van overschrijding van de grenzen van legitieme eisen, ik heb nooit een onwettige of ondemocratische eis geëist. Is bijvoorbeeld de oprichting van een Amazigh politieke partij in Marokko extremisme of een middel voor de Imazighen om politiek bij te dragen aan de ontwikkeling van hun land?

Hebt u ooit een doodsdreiging ontvangen vanwege je ideeën?
Ja, Ik werd met de dood bedreigd vanwege mijn ideeën over het verdedigen van de rechten van de Imazighen. Het laatste incident vond plaats afgelopen augustus toen iemand me ’s nachts in mijn huis aanviel. Hij zou mij gedood hebben zonder interventie van de veiligheidsdiensten.

Een Amazigh aan het hoofd van de Marokkaanse regering dient de Amazigh-zaak toch? Of niet?
Er zijn tientallen Imazighen aan het hoofd van het leger, de koninklijke gendarmerie en het koninklijk hof, maar zij doen niets voor de Amazigh-kwestie, het ontbreekt ze aan geloof in de Imazighen en de Amazigh-kwestie. De premier behoort tot de verenigings- en hervormingsbeweging, en is ook lid van de PJD, een partij die de Arabisatie verdedigd en tegen de Amazigh-taal vecht.

Vertaling: Noureddine Adherbal

Minister in Marokko Iemand die 20 dirham per dag verdient is niet arm

Minister Bassima Hakkaoui van Familie, Solidariteit, Gelijkheid en Sociale ontwikkeling is in opspraak gekomen na te hebben verklaard dat iemand die 20 dirham per dag verdient in Marokko, niet arm is.

De bewindsvrouw vertelde tijdens een meeting van de Stichting Fqih Titouani in Salé vorige week dat er niet over armoede mocht worden gesproken voor iemand die 20 dirham per dag verdiende.

Hakkaoui hield vol dat, op basis van cijfers van de Hoge Planning Commissie (HCP), het aantal armen in Marokko – dus mensen die met 20 dirham per dag leven – van 10 naar 4 miljoen is gedaald. In het koninkrijk leven tevens 450.000 mensen met minder dan 10 dirham per dag.

Volgens Hakkaoui behoort een gezin dat 3000 dirham per maand verdient tot de middenklasse omdat ze kan voorzien in haar basisbehoeften.