Brief van Zafzafi door zijn vader voorgelezen in Straatsburg

Noureddine Adherbal 

Als eerste wil ik erop wijzen dat deze brief toebehoort aan Nasser Zafzafi, die in Marokko wordt vastgehouden, en dat ik het namens hem voor lees.


Dames en heren, Europarlementariërs en de rest van de nobele aanwezigen. Als Riffijn-zijnde en zoals gedicteerd wordt door de waarden en principes van het gezin waarin ik opgroeide en de Riffijnse beschaving die mij geleerd heeft wat ik niet wist, stuur ik de warmste felicitaties uit het diepste van mijn hart aan de heer Oleg Sentsov ter gelegenheid van de Sacharovprijs voor de vrijheid van denken voor het jaar 2018 die uitgereikt wordt en hem geschonken is door het Europees Parlement. Tevens wens ik dat hij vrij wordt gelaten omdat de bitterheid van gevangenschap alleen bekend is bij degenen die het geproefd hebben.

Dames en heren, omdat het vanzelfsprekend is dat dit het resultaat is van initiatiefnemers heb ik de eer om vanaf dit podium de grootste dank en waardering over te brengen, die voortkomt uit het geweten van een ten onrechte vastgehouden activist vanwege zijn betrokkenheid bij de Volksbeweging in Arif. De (Volks)beweging die alle vijf continenten heeft verbijsterd door haar vredelievendheid en beschaafdheid. Ik maak ook een buiging uit respect voor de afgevaardigden van de Europese naties met al hun verschillende ideologische voorkeuren, zowel degenen die op mij hebben gestemd als degene die het niet hebben gedaan. Voor enkelen draag ik ook een warm hart toe. Dit zijn degenen die meermaals genoemd werden door mijn vader tijdens het bezoek in de gevangenis, in het bijzonder:

Kati Piri
Kathleen van Brempt
Bart Staes
Marie Christine Vergiat
Judith Sarghentini
Pascal Durand
Bodil Valero
Miguel Urban
Lola Sanchez
Ana Miranda
Ik bied alvast mijn excuses aan voor degenen die ik vergeten ben op te noemen.

Beste aanwezigen, ik zal proberen, heel erg kort samengevat, u de situatie te schetsen waarin ik ben gearresteerd. Ik behoor tot een gebied dat Arif heet en dat gelegen is in het Noorden van Marokko. Deze Arif heeft geleden, lijdt en zal lijden door de permanente marginalisering die opzettelijk opgelegd wordt om armoede, werkloosheid, ongeletterdheid en andere negatieve zaken teweeg te brengen. Wanneer een inwoner van dit gebied protesteert tegen het bovengenoemde grijpt de staat in op een barbaarse manier door middel van haar leger, de gendarmerie, de hulptroepen en de politie. Dit is van toepassing als wij het hebben over de recente repressieve operaties. Dan zwijgen we over wat er in 1818 gebeurde, of in 1898 toen een complete stam werd uitgeroeid in de provincie Al Hoceima. Dan zwijgen we over de gebeurtenissen tussen 1921 en 1926 of de gebeurtenissen van 1958 toen een koninklijk decreet tegen Arif werd uitgevaardigd waarin de provincie Al Hoceima op 24 november 1958 tot een militaire zone werd verklaard, een decreet dat tot de dag van vandaag nog steeds van kracht is. In dat jaar greep het leger in met allerlei soorten wapens die gebruikt zijn voor het plegen van oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid in het gebied: Massamoorden, verkrachtingen op grote schaal, buiken van zwangere vrouwen die open gescheurd werden, woningen die gesloopt werden terwijl hun inwoners zich erin bevonden, eigendommen die geplunderd werden en boomgaarden die verbrand werden. We mogen het bloedbad van 1984 niet vergeten noch het jaar 2011 waarin vijf jongeren gedood werden in een politiebureau, waarna hun lichamen strategisch geplaatst werden in een bankgebouw om deze dan in de vlammen te laten opgaan samen met de lichamen van de vijf jonge lui.
In deze context van systematische criminele feiten werd de visboer Mohsine Fikri vermalen in een vuilniswagen op 28 oktober 2016. Deze leidde tot het ontstaan van een Volksbeweging waarvan het epicentrum in Al Hoceima ligt, en daarna alle gebieden van Arif bereikte door middel van demonstraties en protestmarsen op een beschaafde manier. Dit werd aangetoond aan de hand van betogers die kaarsen en bloemen droegen en de protestmarsen omringden door menselijke kettingen om overheidsgebouwen en prive eigendommen te beschermen, om vervolgens de openbare ruimte netjes achter te laten na afloop van het protest. Een van de mooiste gebaren getoond door de demonstranten is dat deze hun voedsel deelden met de repressietroepen.

In die tijd riep ik tijdens de protestmarsen en sit-ins op om het eisenpakket, met zijn drie hoofdcomponenten, te implementeren: Een universiteit, de bouw van ziekenhuis gespecialiseerd in kankerbehandeling en de creatie van werkgelegenheid. Ook heb ik opgeroepen tot bestrijding van corruptie en gepleit voor mensenrechten en de oorzaken van illegale migratie aan te pakken. Dit hebben wij samengevat in de leus: ”Vrijheid, waardigheid en sociale rechtvaardigheid”.
Ik heb ook opgeroepen tot de consolidatie van de waardigheid van de Riffijnse vrouw waar zij door de eeuwen heen bekend om staat. Omdat de Riffijnse vrouw alle respect en waardering verdient. Vanuit deze plek herhaal ik wat ik altijd al scandeerde:

Een strijdbare groet aan de grote Riffijnse vrouw wiens voorhoofd ik eerbiedig kus, omdat zij in grote getale aanwezig was tijdens de protestmarsen en sit-ins van de vreedzame volksbeweging in Arif en omdat zij een symbool is van respect voor de Riffijnen.
Wij liepen in vreedzame marsen en vroegen om het implementeren van het eisenpakket. Zeven maanden later, op 26 mei 2017, kwam de reactie van de staat om dezelfde eerder genoemde repressieve acties te herhalen. Het begon met het overvallen van mijn huis, in mijn afwezigheid, op een barbaarse manier door de politie nadat de buitendeur kapot werd gemaakt. Deze daad was zonder wettelijke toestemming om vervolgens mijn moeder aan te vallen waarbij zij het bewustzijn verloor en mijn vader haar moest overbrengen naar het ziekenhuis.
De agenten bleven het huis doorzoeken en controleerden elk voorwerp, alsof ze naar iets zochten maar niet juist weten wat het is. Ze haalden alles overhoop, terwijl zij vernieling zaaiden in het huis. Hierna begonnen de invallen op de huizen van de overige activisten en de ontvoeringen uit hun slaapkamers. Sommigen naakt voor de ogen van hun vrouwen en jonge kinderen. Het totale aantal arrestaties oversteeg de duizend. Het merendeel werd berecht in Al Hoceima om vervolgens verspreid te worden over de gevangenissen van heel het land. Dit veroorzaakte vreselijk lijden voor de families van de gedetineerden tijdens hun bezoeken en het lijden van deze vaak arme families duurt tot de dag van vandaag voort.
Op 29 mei 2017 ben ik ontvoerd geweest vanuit een plek aan de kust nadat het gebied belegerd werd door oorlogsschepen, militaire helikopters en militaire voertuigen gepaard met grote aantallen zwaargewapende militairen. Dit allemaal om een ongewapende man te ontvoeren.

Hier werd ik onderworpen aan de ergste vormen van foltering: Geslagen met scherpe voorwerpen, metalen voorwerpen en knuppels, wat resulteerde in ernstige bloedingen. Ik werd ook onderworpen aan fysieke, verbale en morele marteling en de extreemste vorm van foltering: Verkrachting. Dit gebeurde allemaal toen we nog aan land waren. Het geweld ging onverminderd door in de lucht terwijl ik getransporteerd werd aan boord van een helikopter van Al Hoceima naar Casablanca 620 km verderop. Terwijl ik hevig bloedde en mijn hoofd afgedekt was. 50 agenten martelden mij om de beurt. In het bureau van de ‘Brigade Nationale’ hebben de agenten mij naakt gefilmd en die video gepubliceerd op de nieuwssite barlamane.com.

Een schandaal waarvan de dader nog steeds vrijuit gaat.
Daarna hebben zij ernstige beschuldigingen verzonnen tegen mij waarop de doodstraf staat.
Samen met de 52 mede-activisten kregen wij een schijnproces gedurende zeven maanden. Tijdens dit schijnproces werd ik 15 maanden lang opgesloten in een plek onleefbaar voor zelfs de meest geharde dieren. Uiteindelijk werd ik veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf. Niet vanwege een misdaad maar omwille van mijn wens om op een dag te ontwaken in een wapenloze wereld, waarin de grenzen opgeheven zouden zijn en dat de mensheid in vrede leeft op deze prachtige blauwe planeet. Ik werd echter wakker van het geluid van de cipier die mij eraan herinnert dat ik de komende 20 jaar achter de tralies zal doorbrengen. Op dat moment verloor ik alle hoop maar desondanks roep ik alle vrije mensen in deze wereld op om te streven naar die ene droom in mijn donkere cel.
Ik groet jullie en duizendmaal dank aan allen.

Comments

comments

Share