Aanpak Hulplijn Radicalisering in handboek beschikbaar

Afgelopen donderdag presenteerde het Samenwerkingsverband van Marokkaanse Nederlanders (SMN) het handboek Hulplijn Radicalisering: Een luisterend oor.





Het handboek bevat een beschrijving van de aanpak van de Hulplijn. Na de lancering twee jaar geleden heeft de Hulplijn 550 hulpvragen ontvangen. In totaal zijn 163 ouders en andere hulpvragers ondersteund met vragen die gerelateerd zijn aan radicalisering.

De presentatie van het handboek in Utrecht werd bijgewoond door 60 belangstellenden, waaronder professionals, beleidsmakers, vertrouwenspersonen en ouders. Het handboek is bedoeld voor de (toekomstige) vertrouwenspersonen om hen concrete handvatten te bieden wat betreft de werkwijze van de Hulplijn. Daarnaast geeft het gemeenten, zelforganisaties, samenwerkingspartners en financiers inzicht in de werkwijze van de Hulplijn en aanverwante activiteiten. Het SMN wil de opgedane kennis en ervaring onder andere op deze manier met anderen delen.

Tijdens de presentatiebijeenkomst is ook stilgestaan bij de lessen en de uitdagingen van familie-ondersteuning in het algemeen. Verschillende sprekers waren het erover eens dat deze vorm van ondersteuning bij de aanpak van radicalisering van onschatbare waarde is. Tegelijkertijd is het voor de vertrouwenspersonen (ook professionals) de uitdaging om te blijven zoeken naar een goede mix tussen vertrouwelijkheid, belang van persoonlijke/maatschappelijke veiligheid en realistische verwachtingen naar de hulpvrager om effectief hulp te kunnen bieden.

Namens het SMN, dat met de Hulplijn als pionier twee jaar geleden was gestart, zei de voorzitter Bouchaib Saadane: “We gaan door op de ingezette lijn, trekken lessen uit het verleden en zullen in de toekomst ons aanbod blijven aanpassen aan de vraag en ontwikkelingen in onze samenleving”.

Tot slot sprak het SMN waardering uit voor de inzet van de vertrouwenspersonen. Ook is het SMN erkentelijk voor de bijdrage van talrijke organisaties en instellingen. In het bijzonder de fondsen, die de Hulplijn hebben ondersteund. Het handboek Een luisterend oor is op te vragen via secretariaat@smn.nl.





Aardbevingen gemeten voor kust Al Hoceima

Voor de kust van Al Hoceima zijn afgelopen vrijdag vier lichte aardbevingen gemeten. Dat meldt het Spaans geofysisch instituut.




Een eerste beving met een kracht van 2,9 op de Schaal van Richter werd om 11:10 uur gemeten. Daarna volgden drie bevingen met een kracht van 2,3 (11:50 uur), 3 (14:28 uur) en 3,1 (19:03 uur) op de Schaal van Richter.

Het epicentrum van de vier bevingen bevond zich in de Alboran zee. De kleine aardbevingen werden volgens plaatselijke media in Al Hoceima gevoeld.

Marokkaanse raad ongerust over veiligheid Nederlandse moskeeën

Binnen de Marokkaanse gemeenschap heerst ongerustheid over de veiligheid van moskeeën in Nederland. De Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland (RMMN) vraagt om ‘meer (preventieve) veiligheidsmaatregelen’ in de komende maanden.




De raad maakt zich na de aanslag op een moskee in het Canadese Quebec ernstige zorgen over de veiligheid van de moskeeën in Nederland. De organisatie roept moskeeën op meer waakzaam te zijn richting de verkiezingen.

In koelen bloede geliquideerd
De aanslag in Quebec heeft de raad diep geraakt. “De RMMN is diep geschokt door de verschrikkelijke en vooral laffe aanslag in een moskee in Quebec. Er zijn zes bezoekers in koelen bloede geliquideerd. Onze gedachten gaan uit naar de slachtoffers en nabestaanden.”

Direct na de aanslag in Quebec heeft de politie van New York extra patrouilles bij moskeeën en andere gebedshuizen ingesteld. Burgemeester Bill de Blasio liet via Twitter aan moslims in New York weten dat de stad en de politie hen zullen beschermen.




Van Marokkaanse collaborateur bij de Fransen naar CIA-agent

Adra Ghedu

Tijdens het Franse en Spaanse protectoraat in Marokko, tussen 1912 en 1956, weigerden Marokkaanse gezinnen hun kinderen naar koloniale scholen in het Afrikaanse land te sturen. Dit uit angst voor assimilatie, identiteitsverlies en collaboratie met de bezetter. Ook weigerden ze hun kinderen dienst te laten doen in de bezettingslegers van Spanje en Frankrijk, ook al waren ze dat verplicht volgens een overeenkomst dat gesloten werd tussen de Marokkaanse sultan Abd El Aziz Ibn Hassan en de Europese bezetters, die het Noord-Afrikaanse volk gebruikten om toekomstige soldaten te rekruteren om hun koloniale oorlogen te kunnen voeren.




Een kleine groep Marokkanen, met name de rijken, en collaborateurs hebben hun kinderen wel vrijwillig op Europese scholen geplaatst en vervolgens naar universiteiten en/of militaire academiën. Dit zodat zij politieke en militaire sleutelfuncties kunnen bekleden na het onafhankelijk Marokko. Kettani Ben Hammou behoort tot deze groep.

Kettani Ben Hammou is geboren in 1910, in Berrechid, 33 kilometers te zuiden van Casablanca. Hij zat op de Marokkaanse school van officieren Dar El Beida in Mekéns, 120 kilometer ten oosten van de hoofdstad Rabat. In 1923 ging hij in militaire dienst bij het Franse leger. Hij behoorde tot de Tabors, een gevechtseenheid die uit Marokkanen bestond. Tot 1944 deed hij mee aan verschillende militaire expedities in Tunesië, Italië en Frankrijk. Hierbij raakte hij gewond, later heeft hij een onderscheiding gekregen.

unnamed 2

Na de Tweede Wereldoorlog werd Ben Hammou opgeroepen om voor de Franse Resident-Generaal in Marokko te werken. Later ging hij naar, L’École Supérieure de Guerre, een Franse school voor opperofficieren.

Op maandag 2 augustus 1954 verscheen de Franse krant Le Monde met de mededeling dat kolonel Kettani Ben Hammou gepromoveerd was tot de rang van generaal. Hiermee wordt Ben Hammou de eerste Marokkaan die de rang van generaal in het Franse leger bekleedt. De timing is wel belangrijk want na twee jaar zou Frankrijk Marokko ‘verlaten’ en de generaalsterren van Ben Hammou zullen in het onafhankelijke Marokko kunnen glimmen.

Generaal Kettani Ben Hammou maakte ook deel uit van stafchef van de Franse bezettingsleger in Duitsland. Hij blijft wel loyaal aan de Sultan van Marokko Mohamed Ben Youssef omdat hij beaamde dat de sultan een afstammeling van profeet Mohamed zou zijn. Ben Hammou richtte in het jaar 1956 het Marokkaanse leger (FAR) voor koning Mohammed V op. In dit nieuwe leger bekleed generaal Kettani de functie van commandant der strijdkrachten. In deze hoedanigheid vertegenwoordigde Kettani de Sultan bij de overgave van Aâddi Oubihi die in opstand kwam tegen het politieke beleid van de partij Hizb Listiqlal (partij van de onafhankelijkheid) in 1957.

unnamed 3

Twee jaar later, in 1959, moest ook de Rif het ontgelden. Een volksopstand in de Rif die in 1958 begon werd door het koninklijke leger, met aan het hoofd kroonprins Hassan, op een gruwelijke en gewelddadige wijze neergeslagen. Aan het einde van deze misdaad was de taak van generaal Kettani en commandant Mohamed Oufkir om toe te zien op de overgave van Riffijnen.




In de jaren zestig werd generaal Ben Hammou namens de VN naar Congo gestuurd om te werken als adviseur van de Congolese stafchef Mobutu Sese Seko. De Opération des Nations Unies au Congo (ONUC), of VN-Operatie in Congo in het Nederlands. Ben Hammou werd ervan beschuldigd Mobutu voor de CIA te rekruteren en de dictator aan de macht te helpen door de onafhankelijkheidsleider Patrice Lumumba uit te schakelen.

unnamed 2

Ben Hammou maakte zich impopulair door in de jaren zestig van vorige eeuw (midden in de bevrijdingsoorlog) in Congo uitspraken te doen als: ‘Wat dit land (Congo red.) nodig heeft is een Lyautey’. Generaal Lyautey stond aan het hoofd van Franse leger dat Afrikaanse landen zoals Marokko veroverde.

Generaal Kettani Ben Hammou was ook chef van het Militair Huis van koning Hassan II. Hij overleed in 1965.

unnamed 4

Demilitariseer mijn geboortestad

PvdA-raadslid Hassan Buyatui

Al-Hoceima, een stadje in het noorden van Marokko (Rif), is sinds kort wederom het toneel geworden voor militair machtsvertoon. Betogers zijn de straat op zijn gegaan om meer rechten te eisen en stellen dat mensenrechten geschonden worden. Wij gingen in gesprek met Hassan Buyatui, gemeenteraadslid van de PvdA in Almere, die in Al-Hoceima opgegroeid is. Zijn steunbetuiging aan Al-Hoceima ging de wereld over en werd honderden keren gedeeld via social media.In Arif Nador is de ontvoering van drie kinderen op het nippertje voorkomen dankzij enkele getuigen.




Wat is er aan de hand in Al-Hoceima?
“Eind oktober 2016 is in Al-Hoceima een visverkoper op een afschuwelijke wijze om het leven gekomen. Zijn handel werd in beslagenomen en in een vuilniswagen gegooid. Uit protest klom hij op de vuilniswagen om te voorkomen dat zijn vissen werden vernietigd. Op dat moment werd de persmachine aangezet. Mohsin Fikri werd vermorzeld. Deze gebeurtenis heeft kort daarna, zowel in Al-Hoceima als daarbuiten, geleid tot protesten; vreedzame protesten moet ik erbij zeggen.”

Wat willen de demonstraten?
“Velen hebben aangegeven dat de dood van Mohsin Fikri de druppel is. De betogers eisen dat er verandering komt. Ze willen bijvoorbeeld verbeteringen op het gebied van onderwijs, werk en gezondheidszorg. Dit zijn basale dingen en ook zaken zoals vrijheid van meningsuiting en mensenrechten zijn ook niet op orden.”

In hoeverre leeft dit onder de Marokkaanse gemeenschap in Nederland?
“De betogers in Al-Hoceima deden vanaf de eerste dag een duidelijk oproep richting iedereen in het Westen en vroegen daarbij om steun. Zo zijn er regelmatig demonstraties in Spanje, Frankrijk, België, maar ook in Nederland. De eerstvolgende demonstratie is op 27 januari aanstaande voor de Tweede Kamer. Dit allemaal om ervoor te zorgen dat er meer aandacht gegenereerd wordt, vooral na de laatste verschrikkelijke gebeurtenissen van begin dit jaar in Al-Hoceima.”

In Arif Nador is de ontvoering van drie kinderen op het nippertje voorkomen dankzij enkele getuigen.




Wat gebeurde er begin dit jaar dan?
“Op woensdag 4 januari jl. trad de oproerpolitie hardhandig op tegen vreedzame betogers. Met geweld heeft de oproerpolitie de demonstratie uit elkaar geslagen. Er zijn slachtoffers gevallen en aanhoudingen verricht. Ook journalisten werden lastiggevallen en geïntimideerd. Op dit moment is meer politie in Al-Hoceima en omgeving aanwezig dan het aantal inwoners van de stad. Dat kan zomaar omdat Al-Hoceima al sinds 1958 een militair gebied is verklaard. Dit vind ik echt niet kunnen. Ik ben daarom onvoorwaardelijk solidaire met de vreedzame beweging in Al-Hoceima en wil dat de politie zich onmiddellijk terugtrekt uit de stad. Respect voor mensenrechten is het hoogste goed. Een overheid heeft een verantwoordelijkheid naar haar burgers om zich daaraan te houden.”

Over mensenrechten gesproken; kan Amnesty International iets betekenen?
“Ik heb inderdaad contact gezocht met Amnesty International Nederland om aandacht te vragen voor de gebeurtenissen in Al-Hoceima. Ik ben zeer bezorgd en wil hier graag iets aan doen. Toen ik hoorde dat twee medewerkers van Amnesty het land uitgezet zijn, heb ik contact gezocht met hun directeur. Op deze manier hoop ik aandacht te vragen voor de situatie aldaar. Het is belangrijk om de machthebbers in Marokko op te roepen vreedzaam te blijven. De burgers in het Rif-gebied moeten de vrijheid hebben te participeren in zaken die ze willen veranderen. Evenals de vrijheid te hebben om bijvoorbeeld het Amazigh nieuwjaar rustig te kunnen vieren; een stukje eigen identiteit.”

Wat is een Amazigh jaar?
“Het Amazigh nieuwjaar wordt gevierd in gebieden zoals Rif (noorden van Marokko), waar men Tamazight [red. Berbers] spreekt. Het Amazigh jaar begint op 13 januari en loopt 950 jaar verder. Dus 13 januari 2017 valt overeen met 1 Yannayer 2967. De viering van het Amazigh nieuwjaar is dit jaar in Al-Hoceima niet doorgegaan omdat de sfeer in de stad te grimmig is door de duidelijke aanwezigheid van de oproeppolitie. De mensen willen geen confrontaties omdat ze heilig geloven in vreedzame festiviteiten. De organisatie kondigde de dag daarvoor wel een ludieke actie tegen de belegering van de stad, namelijk: foto’s te maken met de tekst ‘tegen de belegering van Al-Hoceima’ (in het Arabisch: لا للعسكرة) en deze via social media te delen. PvdA Almere deed ook mee.”

Hoe deed de PvdA Almere mee?
“Door een groepsfoto met een A4-tje in de handen houden met de boodschap: tegen de belegering van Al-Hoceima en voor het opheffen van het decreet dat de regio Al-Hoceima een militair gebied verklaart. Deze foto werd breed gedeeld op Facebook. Ondertussen heeft de PvdA-fractie in de Tweede kamer ook Kamervragen gesteld aan de minister van Buitenlandse Zaken over de mensenrechtensituatie in Marokko. De PvdA komt graag op voor alle mensenrechtenschendingen waar dan ook in de wereld. Dus ook in Marokko. Ondanks grote afstand is het altijd zaak om solidair te zijn met hen die hun rechten zijn ontnomen. Mensen in Rif mogen niet het slachtoffer zijn van een overheid die weliswaar qua wetgeving stappen in de goede richting zit, maar in de praktijk met harde hand optreedt tegen vreedzame betogers.”