Marokko komt vóór Oranje

0
Nederlandse voetballers van Marokkaanse komaf kiezen veelal níét voor Oranje. Waarom? ‘Als jij aan de bal bent, zingen ze oe-oe-overloper. Beïnvloedt dat je spel, ja of nee?’

Een belletje van assistent-bondscoach John van ‘t Schip. Of hij misschien interesse heeft om met Marco van Basten te praten over een carrière als Nederlands international? Mbark Boussoufa denkt diep na. ‘Ik heb toen meteen gezegd dat ik mijn beslissing eigenlijk al had genomen. Maar ze wilden me uitnodigen voor de volgende wedstrijd.’ De oud-voetballer van Anderlecht en Ajax spreekt uiteindelijk nog één keer telefonisch met Van ‘t Schip. ‘Toen heb ik mijn besluit kenbaar gemaakt.’

Boussoufa speelt zijn interlands liever voor Marokko, het land van herkomst van zijn ouders. De Amsterdammer is niet de enige voetballer met Marokkaanse wortels die tot die conclusie komt. Een paar weken terug maakte Heerenveen-speler Oussama Assaïdi dezelfde keuze. Ismaïl Aissati, Nordin Amrabat, Karim El Ahmadi, Nourdin Boukhari – exact hetzelfde verhaal.

Dries Boussatta was in 1998 de eerste Nederlander van Marokkaanse komaf – of andersom – die wél koos voor het Nederlands elftal. Onder bondscoach Frank Rijkaard speelde hij drie wedstrijden. Zijn laatste oefeninterland speelde hij nota bene tegen Marokko. Boussatta werd de hele wedstrijd uitgefloten door de Marokkaanse aanhang. Later zei hij: ‘Ik heb alle shit over me heen gekregen. Op straat werd ik nageroepen door Marokkanen. ‘Landverrader’, ‘overloper’, dat soort woorden.’

Wilhelmus

Het is één van de redenen dat diversiteitsmanager Mike Euphrosina in het recente verleden ook een uitnodiging uit Zeist kreeg. Een oud-bondscoach was het grote aantal talentvolle voetballers met een dubbel paspoort opgevallen. Hij klopte bij Euphrosina aan voor advies. Uiteindelijk zou het tweetal met zeven spelers, hun vaders en hun zaakwaarnemers om de tafel zitten. Euphrosina had twee vragen. ‘Stel: Je krijgt een uitnodiging voor Oranje. Zing je het Wilhelmus dan uit volle borst mee? Vraag twee: Je speelt met Oranje in de Arena tegen Marokko. Als jij aan de bal bent, zingen ze oe-oe-overloper. Beïnvloedt dat je spel, ja of nee?’ Uiteindelijk heeft niet één van die zeven voetballers ooit voor Oranje gespeeld.

 


Volgens Mohammed Allach – directeur voetbalzaken van RKC Waalwijk en voorzitter van de stichting Maroquistars – maakt een speler een keuze op basis van twee afwegingen. Allereerst telt de sportieve kant van het verhaal. ‘We streven allemaal het hoogst haalbare na, willen allemaal EK’s en WK’s spelen. Maar als je als buitenspeler Arjen Robben, Eljero Elia en Robin van Persie voor je hebt. Tja…’

Maar belangrijker is de loyaliteitskwestie, meent Allach. Voetballers van Marokkaanse komaf groeien op in een familiaire sfeer, waarin zaken als onderlinge verantwoordelijkheid en loyaliteit erg belangrijk zijn. Daartegenover staat de Nederlandse samenleving, waarin vooral het individuele belang telt. Vaak geven die familiaire gevoelens de doorslag.

Boussoufa: ‘Ik ben in Amsterdam geboren, maar van kleins af aan heb ik altijd voor Marokko willen voetballen. Zo ben ik ook opgevoed. Ik weet dat ik in Oranje meer kans heb op successen en het spelen van grote toernooien. Maar dit was een keuze voor mijn gevoel.’

Voorbeeldfuncties

Euphrosina: ‘Die zeven voetballers kozen allemaal voor het nestgevoel. Ik denk dat ze zich niet thuis voelden in Nederland, terwijl ze hier geboren en getogen zijn. Dat ligt aan de samenleving, niet aan de sportwereld. Die nodigt ze uit, erkent hun kwaliteiten en wil ze erbij hebben. Omdat ze in de samenleving niet gezien worden als voorbeeldfuncties, kiezen ze niet voor Oranje.’

Want wie een blik werpt op de Nederlandse samenleving van de laatste jaren, ontkomt niet aan Geert Wilders. De populaire PVV-politicus polariseert. En veelal moeten Nederlanders van islamitische afkomst het ontgelden. Niet echt het klimaat waarin je als voetballer met Marokkaanse wortels graag uitkomt. Toch?

Maar Allach denkt niet dat iemand als Wilders een rol speelt in het beslissingsproces van een voetballer. Volgens hem houden die jongens meer van Nederland dan ze zelf aangeven. ‘Of dat bewust of onbewust is, weet ik niet. Al die spelers gaan dolgraag op vakantie naar hun land van herkomst. Maar na een week of drie komen ze allemaal maar wat graag weer terug. Het polariserende sausje dat nu over Nederland hangt, weerhoudt hun er van om hun gevoelens te tonen. Omdat dat niet geaccepteerd wordt. We moeten naar de erkenningsfase toe. Ongeacht het politieke debat moeten ze uitspreken dat ze van Nederland houden.’

Boussoufa beaamt dat. En hij neemt alvast een klein voorschotje op de woorden van Allach. ‘Ik voel me hartelijk welkom in Nederland. Ik ben er geboren en getogen, voel me er thuis. Daar kan Geert Wilders of wie dan ook niets aan veranderen.’

BRON: DEPERS


Admin Redactie

Comments

comments

Share