Van een reorganisatie is nog nooit een leerling beter geworden


Eén belangrijke groep, de docenten, dreigt in de fusieplannen van de Rotterdamse ROC’s onder te sneeuwen

Het valt te prijzen dat de Rotterdamse roc’s Albeda en Zadkine overwegen om te fuseren om zich vervolgens op te delen in kleine specialistische mbo colleges. Ze tonen hiermee lef, beantwoorden aan diepgewortelde wensen uit de samenleving en de bestuurders cijferen zichzelf, althans op papier, weg. Eén belangrijke groep, de docenten, dreigt in de fusieplannen echter onder te sneeuwen en dat is vreemd, want juist zij maken het verschil.

De de-fusieplannen van de Rotterdamse ROC’s Albeda en Zadkine, zoals zij deze megaoperatie zelf noemen, lezen als een nostalgische schoolgids van vroeger die je op zolder onder het stof vandaan haalt. Niets doet je vermoeden dat de fusieplannen de grootste verandering in het Rotterdamse onderwijsaanbod ooit met zich mee brengen. Want, ga maar na, voor technische beroepen komt er een MTS, voor economisch-administratieve beroepen komt er een MEAO, enzovoorts. Allemaal zeer vertrouwd in het gehoor en allemaal naar de menselijke maat.

Naast nostalgisch zijn de fusieplannen ook actueel en geven ze blijk van realiteitszin. Actueel omdat beide roc ’ s hun opleidingen in de toekomst, veel meer dan nu het geval is, zeggen te zullen afstemmen op de vraag uit de arbeidsmarkt. Hiermee reageren zij op de kritische signalen van werkgevers die steen en been klagen over zowel de kwaliteit als het aantal met name technisch geschoolden dat de arbeidsmarkt opgaat.

Actueel ook omdat de fusieplannen niet bestuur en management, maar scholen en scholieren op de eerste plaats zetten. Hiermee wordt beantwoord aan een diep gekoesterde wens uit de samenleving. Hoeveel onderzoeksrapporten hebben de afgelopen jaren de grote afstand tussen bestuur en werkvloer niet blootgelegd. Om deze reden zien de fusiepartners in de toekomst geen plaats meer voor een raad van bestuur. Het is nu echt aan de scholen en de scholieren om te laten zien wat ze kunnen.

De fusieplannen zijn zoals gezegd ook realistisch. Een fusie tussen twee grote roc ’ s levert in de regel een onderwijsreus op van naar schatting veertigduizend scholieren, een stad in een stad. Tot voor kort de droom van menig onderwijsbestuurder, maar dat is na het Amarantis-debacle geen begaanbare weg meer. Albeda en Zadkine lijken hier geleerd te hebben van de fouten van anderen. Daarom gaan de fusiepartners, tegelijk met de fusie zelf, zich transformeren tot kleinere, overzichtelijke mbo-colleges gespecialiseerd in techniek, hulpverlening of administratie.

So far, so good; stuk voor stuk plannen die klinken als een klok. Er is namelijk ook geen objectieve reden waarom twee grote roc’s, die financieel allebei in zwaar weer zitten, hetzelfde onderwijsaanbod in een en dezelfde stad moeten verzorgen. Vandaar een fusieplan waarin nagedacht is over de menselijke maat, over de school voorop stellen en over waar je als school toe op aard bent; namelijk het vormen van leerlingen tot zelfbewuste burgers en hen opleiden tot gekwalificeerde vaklieden. Maar voor welk probleem is dit eigenlijk een oplossing? Van een reorganisatie, ongeacht of dit een fusie of de-fusie is, is nog nooit een leerling beter geworden.

Des te opmerkelijker is het dat de plannen voorbij lijken te gaan aan de positie en de kwaliteit van de docenten. In ieder geval wordt daar vooralsnog onvoldoende bij stilgestaan terwijl we elders in de krant wel lezen dat zowel Albeda als Zadkine flink in hun docententeam moeten snoeien om het hoofd boven water te houden. Het is algemeen bekend dat goed onderwijs valt of staat bij goede docenten die hun vak verstaan. Investeren in goed onderwijs betekent ontegenzeggelijk ook investeren in een goed docententeam want het zijn nog altijd de docenten, en dan met name in de technische opleidingen, die het verschil maken maar waar nu de schoen knelt.

Niet dat docenten een doel op zich zijn, want dat is en blijft, door goed onderwijs, zelfbewuste burgers en bekwame vaklieden af te leveren, maar juist hierbij is de kwaliteit van de docent cruciaal. Zijn er in de de-fusieplannen bijvoorbeeld genoeg bekwame docenten om het technisch onderwijs te verzorgen waar de arbeidsmarkt om schreeuwt? Bovendien worden de slagingsnormen in het MBO verzwaard. Worden docenten in stelling gebracht om hun leerlingen klaar te stomen voor deze zwaardere normen of legt men zich op voorhand neer bij nog meer vroegtijdige, en dus ongekwalificeerde schoolverlaters.

Fouad el Haji

5145906-7679945

Comments

comments

Share

Laat commentaar achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *